Nieuwe generatie BIJ1-kandidaten wil Rotterdamse politiek opschudden

8 min leestijd

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen in Rotterdam presenteert BIJ1 een lijst met jonge kandidaten die zich profileren rond thema’s als dekolonisatie, bestaanszekerheid, anti-racisme en representatie. Onder hen bevinden zich vier jonge kandidaten met uiteenlopende achtergronden: lijsttrekker Tikhoe Isaack, huidig raadslid Precious Sadhoe, kandidaat Nathan Miango en mbo-student Ejilay Chin-A-Joe.

In deze presentatie voor AFRO Magazine plaatsen zij hun kandidatuur nadrukkelijk in de context van ongelijkheid, koloniale geschiedenis en stedelijke machtsverhoudingen.

Precious Sadhoe (26) is momenteel gemeenteraadslid in Rotterdam en staat op nummer twee van de kandidatenlijst van BIJ1. Zij groeide op in Suriname en kwam op haar zeventiende naar Nederland om te studeren. Volgens haar vormt die achtergrond een belangrijk fundament voor haar politieke betrokkenheid.

Mijn Surinaamse roots vormen de basis van wie ik ben. Ze hebben mij geleerd om community centraal te stellen, om solidariteit niet als slogan te zien maar als dagelijkse praktijk, en om de kracht van onze verhalen serieus te nemen,”

Als jonge vrouw van kleur in de politiek benadrukt zij het belang van zichtbaarheid en invloed. “Representatie betekent dat jonge mensen zichzelf terug kunnen zien op plekken waar beslissingen worden genomen. Maar representatie betekent ook dat wíj meepraten en meebeslissen. Vooral daar op plekken waar wij het systeem uitgeduwd zijn. Wij claimen onze plek terug.”

- Advertisement -

Sadhoe zegt dat haar politieke inzet voortkomt uit ervaringen met ongelijkheid in verschillende maatschappelijke domeinen. “Al vroeg merkte ik hoe diep ongelijkheid en discriminatie verankerd zit in onze systemen: in onderwijs, op de arbeidsmarkt, in huisvesting en in hoe veiligheid wordt ervaren.”

Haar politieke agenda richt zich onder meer op dekolonisatie, het tegengaan van racisme en het versterken van bestaanszekerheid. “Voor mij betekent dekolonisatie dat we eerlijk kijken naar wie macht heeft, wie wordt buitengesloten en welke verhalen als ‘normaal’ of juist als ‘afwijkend’ worden gezien. Het betekent actief racisme en discriminatie aanpakken.”

Daarnaast pleit zij voor structurele armoedebestrijding en betaalbare woningen. “Niemand zou in een rijke stad als Rotterdam in armoede moeten leven. Wonen is en blijft een recht, geen verdienmodel.”

Nathan Miango (26), kandidaat nummer vier op de lijst, omschrijft zichzelf als een “import-Rotterdammer”. Zijn politieke betrokkenheid komt volgens hem voort uit ervaringen in de stad zelf.

Mijn politiek begint niet in het stadhuis, maar in de wijk. In gesprekken met bewoners, in cultuurinstellingen, in het nachtleven, bij buurtinitiatieven en op straat,”

Miango stelt dat ongelijkheid zich op verschillende terreinen opstapelt, van huisvesting tot discriminatie. Tegelijk ziet hij volgens eigen zeggen veel kracht in stedelijke gemeenschappen. “Zwarte Rotterdammers, queer jongeren, studenten, werkenden in de nacht, kunstenaars en buurtbewoners organiseren zichzelf, zorgen voor elkaar en bouwen aan alternatieven.”

Zijn politieke focus ligt onder meer op cultuur, nachtleven, anti-racisme en armoedebestrijding. Daarbij benadrukt hij een intersectionele benadering van beleid. “Ongelijkheid staat nooit op zichzelf. Wie te maken heeft met racisme, heeft vaak ook te maken met economische uitsluiting. Wie queer is, kan ook worstelen met woningnood of discriminatie op de arbeidsmarkt.”

Voor Rotterdam betekent dat volgens hem onder andere het beschermen van culturele ruimtes en het tegengaan van verdringing in wijken. “Ruimte voor makers en het beschermen van ons nachtleven als culturele motor van de stad is essentieel.”

Tikhoe Isaack (25) voert de lijst aan.

Hij stelt dat zijn politieke motivatie voortkomt uit persoonlijke en historische ervaringen met kolonialisme en onderdrukking.

“Ik stel me kandidaat voor de gemeenteraad omdat ik de strijd en de pijn wil vertolken van mensen die vaak niet gehoord worden,” zegt Isaack. “Mensen die niet de luxe hebben om politiek als iets abstracts te zien, omdat het hun leven direct bepaalt.”

Isaack verwijst naar zijn achtergrond in de Nama-gemeenschap uit Namibië. Die gemeenschap werd aan het begin van de twintigste eeuw getroffen door genocide onder het Duitse koloniale regime en later door apartheid onder Zuid-Afrika.

“Mijn familiegeschiedenis is gevormd door kolonialisme, apartheid en genocide en door de moed van mensen die ondanks alles bleven vechten voor hun bestaansrecht,” zegt hij.

Volgens Isaack zijn koloniale machtsstructuren ook vandaag nog zichtbaar. “Vandaag worden veel landen nog steeds uitgebuit door neokoloniale en imperialistische machtsstructuren die zwarte en bruine levens als minder waard behandelen.”

Rotterdam mag geen doorvoerhaven zijn voor oorlog en genocide. Wij willen geen bloed aan onze handen.”

In Rotterdam ziet hij vergelijkbare machtsverhoudingen terug in bijvoorbeeld de woningmarkt. “De wooncrisis is geen incident maar het gevolg van politieke keuzes. Wijken worden ontwikkeld voor winst in plaats van voor bewoners.”

Isaack stelt dat BIJ1 probeert die machtsstructuren zichtbaar te maken en te bestrijden. “We confronteren het stadsbestuur met ongelijkheid en maken duidelijk wie daarvan profiteert.”

Een van zijn belangrijkste standpunten is dat wonen een recht moet zijn. “Wonen is geen markt maar een recht. De gemeente moet weer sociaal gaan bouwen in plaats van ruimte geven aan projectontwikkelaars en grote investeerders.”

Ook spreekt hij zich uit over internationale solidariteit in relatie tot de Rotterdamse haven.

Ejilay Chin-A-Joe (18) is de jongste kandidaat op de lijst. Hij is mbo-student van Surinaamse afkomst en kandidaat nummer elf. Hij stelt dat zijn politieke betrokkenheid begon tijdens zijn schooltijd.

“Tijdens mijn middelbareschooltijd merkte ik dat de Nederlandse geschiedenis vaak onvolledig wordt verteld. De impact van kolonialisme en slavernij wordt structureel geminimaliseerd,” zegt hij.

Volgens Chin-A-Joe is de doorwerking van het koloniale verleden nog steeds zichtbaar in hedendaagse ongelijkheden. Hij noemt onder meer institutioneel racisme, etnisch profileren en het zogenoemde AOW-gat voor Surinaamse ouderen.

Dit zijn geen incidenten, maar systemen die mensen klein houden.

Zijn belangrijkste speerpunten zijn het opbouwen van gelijkwaardigheid, meer representatie in de politiek en de rechten van ongedocumenteerden. “Als Surinamer en als mbo’er voel ik mij niet vertegenwoordigd in de huidige politiek,” zegt hij.

Volgens hem gaat representatie verder dan afkomst alleen. “Het gaat ook om mbo’ers, jongeren, mensen uit de queer community, mensen met een lager inkomen en andere groepen die structureel worden tegengewerkt door het systeem.”

Hij pleit daarnaast voor bescherming van de rechten van ongedocumenteerde mensen. “Niemand is illegaal: bestaanszekerheid, huisvesting en zorg zijn mensenrechten, ongeacht papieren.”

De vier kandidaten presenteren zichzelf als onderdeel van een bredere beweging binnen de stad. Voor hen staat solidariteit tussen verschillende gemeenschappen centraal in hun politieke inzet in Rotterdam.

Deel dit artikel