Snorlax

Sommige kinderen zijn inventief gemeen. Die inventiviteit hadden ze nu aangewend om een naam te verzinnen voor een student; Snorlax, naar de dikke Pokemon. Best grappig als je geen hart hebt; je moet er maar op komen.

Maar hij lijdt er erg onder. Hij huilde vorige week de hele weg naar huis omdat ze weer onder zijn huid gezeten hadden. En hij denkt nu dat het aan hem ligt. Omdat hij een beetje overweight is. En sociaal onhandig. En slim.

Daarom wil hij ook in het schoolgebouw nooit zijn dikke zwarte winterjas uitdoen.  'T maakt hem nog groter dan hij is. 

Snorlax. Inventief. Maar het blijft gemeen; je pest niemand!

Die les krijgen die ettertjes komende tijd nog een paar keer van me te horen. 

Ik heb het verhaal al klaarstaan voor ze over hoe ik er zelf onder heb geleden als dertien/veertienjarige, toen men dacht dat pesten character building was en zelfs de juf en de meester er soms aan meededen.

Die knul met paardengebit wiens haarlijn ver voorbij zijn enorme voorhoofd begon; die mij 't leven zuur maakte, maar toen we beiden volwassen waren ging opscheppen bij mensen dat hij mij kende van vroeger ... toen ik hem probeerde te mijden als de pest.

Hoe ik later in mijn leven kracht putte uit de overtuiging dat mijn kwelgeesten jaloers waren op mijn looks. En mijn brains.

Zij brachten er niks van terecht. En ik? Well, have you seen me?!

Dus ik besloot hem dat mee te geven. Ik wroette door zijn golvend dogla haar en vertelde hem dat ik er best wel jaloers op ben. Dat die jongens die hem pesten dat wellicht ook doen omdat zij jaloers op hem zijn. Op zijn looks. Op zijn brains.

Have you seen you?

"Heb je vanmorgen in de spiegel gekeken?"

"Ja, tijdens het poetsen," zegt hij

"Heb je gezien hoe leuk je bent?

".........." Windstilte. En een glimlach. Hij denkt erover na.

Ik ploeg door.

"Ik heb wel een spiegel thuis he. En ik weet hoe leuk ik ben. Hey, weet je wat je gaat doen? Morgenochtend wanneer je aan het poetsen bent, ga je jezelf een knipoog geven. Gewoon om jou te weten zien dat je jou ziet. Ook wanneer anderen dat niet doen. Kom oefen nu; geef jezelf een knipoog. En zeg 'hey you."

Hij kijkt me aan alsof ik hem net heb verteld hoe je water kan laten branden; iets waarvan hij altijd dacht dat het niet kon, maar waarvan hij nu het tegenovergestelde hoort.

"Eehm maar dat is toch vreemd meneer?"

Maar hij glimlacht. Breed!

Ik denk dat zijn spiegelbeeld vanaf nu iedere ochtend blij en zelfverzekerd is, ready voor die kwelgeesten.