Poep. Braaksel. Urine

Archeologen hebben met witte verf gemarkeerd hoe hoog de uitwerpselen wel reikten vanaf de vloer van de bedompte kerker, waar soms wel 200 man in opgesloten zaten.

Eten werd naar hun toe geworpen vanuit een gat in de muur, vanwaaruit er soms ook water over hun gestort werd.

Hier moesten ze soms wel twee maanden overleven, voorzat ze naar een schip gedreven werden.

De poep, braaksel en urine werd een grote vieze brij waarin ze stonden, sliepen, baden ...

Een grote sompige brij van poep, braaksel en urine van wel een voet hoog.

Hieruit aten aten ze ook.

Hierin moesten ze zien te overleven.

Velen lukte dat niet.

En als er iemand overleed, dan kon het wel dagen voordat diens lichaam werd verwijderd.

Stel je voor, zijn daar in die kerker waarin een sliertje zonlicht probeert een beetje lucht binnen te laten en de duisternis te doorklieven.

En de persoon naast je leeft al dagen niet meer maar je weet het niet want het stinkt er zo erg dat het de stank van een rottend lijk overstemt.

Dat was hun leven op dat moment.

En dan was hun uiteindelijke slavernijlot nog niet eens aangevangen.

Laat niemand je ooit zeggen dat slavernij iets is waar je aan voorbij mag gaan.

Laat niemand je ooit zeggen dat je voorouders niks hebben gedaan voor je.

Laat niemand je ooit zeggen dat je slavernij niet mag gebruiken in een argument

Zij overleefden dit

Zodat jij leven hebt.

Wat doe jij ermee?