Het is niet alleen ons gevecht

Afgelopen week maakte ik in een internationale journalistenvergadering gewag van, dat het jaarlijkse grote racismeseizoen eraan zit te komen en dat het tijd is om weer een oproep te doen naar het Nederlandse journalistenveld om zich ethisch en principieel op te stellen.

Racisme geef je geen podium; in feite heb je als journalist een morele taak om te weigeren ergens verslag van te doen, wanneer dat verslag een podium geeft aan racisme.

Ik gebruikte het voorbeeld van de mainstream media die vorige week uitgebreid aandacht besteedde aan het tv-station dat wordt opgericht om “de Nederlandse cultuur” in leven te houden. Met daarbij een smerig kijkende bolle kop van de initiatiefnemer die zonder blikken of blozen zegt dat hij zwarte Pietuitzendingen gaat maken.

Dat het racistisch is; dat de wereld eindelijk op zijn kop ligt vanwege de Black Lives Matter demonstraties; dat Zwarte mensen aangeven dat zwarte Piet hen pijn doet, boeit hem niet.

De kranten zaten er bol van en het kreeg veel bijval.

Overweeg daarnaast even de bagger die tevoorschijn kwam enkele weken geleden, toen een mati van me in ’t Parool zwarte mensen opriep om meer bij zwarte ondernemers te kopen. "RACISME!" werd er toen geroepen. "Wat als witte mensen gingen aanbevelen!"

Maar nu daar de schoen comfortabel zat aan de andere voet, was het stil. Die bolle kop was in de algemene beschouwing van de meerdeerheid niet racistisch maar nationalistisch. Hij mocht. 

Anyway: afgelopen week riep ik mijn internationale collega’s dus op om hun stem blijvend te laten horen tegen racisme in ons vak. Ik zei dat het me verbaasde dat in een tijd van een pandemie, waar de gehele mensheid één gemeenschappelijke vijand heeft, mensen de tijd vinden om racistisch te zijn.

Ik gooide mijn armen verloren in de lucht en draaide triest met m'n ogen. En mijn internationale collega’s waren het ermee eens.

Maar toen ging er een mond open.

Vriendelijk.

Marvin, JIJ bent Zwart. WIJ zijn wit. JIJ moet hier het voortouw in nemen en dit gevecht voor ons blijven leiden"

ECHT!

ECHT?

Ik glimlachte want ik wilde gillen! En ik zei “ja IK ben Zwart en JULLIE zijn wit, maar als IK mijn mond opendoe luistert niemand. Dan word IK weer weggezet als boze Zwarte man en dan luistert NIEMAND. IK vecht inderdaad niet voor MEZELF ALLEEN, maar voor ONS; waarom is dat? IK heb JULLIE stem nodig want JULLIE dringen door tot de mensen die MIJ niet willen horen.”

Ik vertelde daarnaast ook hoe moe ik word van altijd maar het gevecht te moeten voeren. Dat ik met alle graagte blijf schrijven over racisme, maar dat dat niet het enige is waar ik over wil schrijven.

“Dat is niet waarvoor ik mijn talent gekregen heb. Ik wil dat talent ook kunnen inzetten om vaker te kunnen schrijven over zittend pissen en mijn ballen en de mooie roos bij mijn vuilnisbakken. Ik wil niet alleen racisme hebben als mijn referentiekader.”

Ik dacht erbij: dit is die val waarin WIJ altijd in trappen. Dat WIJ altijd maar idealistisch en activistisch moeten zijn en de kastanjes voor de wereld uit het vuur blijven halen, en ondertussen te horen krijgen dat WIJ de echte racisten zijn en eigenlijk geen geld moeten mogen verdienen aan datgene waar WIJ echt goed in zijn.

Waarom mogen we niet zijn wie we zijn?

Toen was het een halve minuut stil in de Zoom meeting; iedereen keek weg van zijn webcam; verlegen.

 

I didn’t give a shit!

You shouldn’t either.