Cape Coast

De Britten bouwden hun eerste kasteel vanwaaruit ze aan mensenhandel deden in Ghana, natuurlijk op prime real estate in Cape Coast. Een prachtige spot met oogverblindend uitzicht op een strakke blauwe zee, dat ze hadden afgepakt van de oorspronkelijke bewoners van het land dat ze zich hadden toegeeigend.

De gouverneur zn riante vertrek op de bovenverdieping, een kerk eronder waar zij op zondag hun god aanbaden, doof voor het lijden in donkere kerkers daaronder waar soms wel 200 Afrikanen opgesloten waren, soms wel drie maanden lang in de meest erbarmelijke omstandigheden.

Ik heb gemeten: de grootste kerker was 15x30 voet ... 200 man!

Hun ontlasting hoopte zich wel tot kniehoogte op dezelfde plek waar ze sliepen terwijl ze machteloos afwachtten wat het lot hen ging brengen. Drie straaltjes licht schenen uit kleine 5x10cm raampjes die uit de muur gehakt waren.

Kweku, de gids knipte even het licht uit om ons te doen ervaren hoe het moest zijn geweest voor onze voorouders. Oeff! Je zag je eigen handen niet; zij wisten niet wie naast hun stond, wie ze mee vochten om het eten dat door het luik boven in naar hen werd geworpen ... of de persoon naast hen nog leefde of dood was. Een keer per week werden de lichamen deze onfortuinlijken uit de kerkers gesleept en in zee gedumpt. Een nette begrafenis zoals de Britten zichzelf gaven, kregen de Zwarte mensen van wie dit land eigenlijk is, niet!

Dertig procent overleefde deze verschrikkelijke fase van de mensenhandel niet; en dan waren ze nog niet eens op de boot beland waarmee ze naar een onbekende toekomst zouden worden gebracht waar nog meer van hen zou worden afgepakt; hun vrijheid waren ze al kwijt, maar hun land, hun taal, hun religie, hun verleden werd ook nog van hen gestript ...

Hun toekomst zijn wij omdat ze machtig genoeg waren om voor ons te overleven.

Als je hier rondloopt bekruipt je een gevoel dat een mix is van verdriet, boosheid, onbegrip en zoveel andere sensaties. Je hart loopt vol en je voelt je machteloos, tegen een kwaad dat 400 jaar geleden geschied is.

En ergens trots, dat de Ghanezen uiteindelijjk de koloniale machthebbers konden wegwerken en hun heilige plek terugpakten. Een rots van hun traditionele altaar die er stond voordat de Britten er het kasteel bouwden, werd teruggebacht, en doet nu dienst als altaar ter ere van allen die door deze kerkers heen gestolen waren.



Ik deed er een groet naar de voorouders.