Opo kondreman un opo

Hoe lang moeten de burgergemeenschappen van Afrikaanse afkomst in Nederland in een ‘wurggreep’ worden gehouden? Heeft de voormalige Nationale Ombudsman, Alex Brenninkmeijer nog steeds gelijk? Is het Politiek Klimaat in Nederland racistisch? Lees over een visie  Hoe veilig zijn mensen van Afrikaanse afkomst bij de Nederlandse politicii, beleidsvoerders en ADB's? Lees een visie

Velen, waaronder de Nazaten van de door Nederland tot slaaf gemaakten, ook ver over ‘slandsgrenzen, hebben op 1 juli jl. kennis kunnen nemen van de sfeer binnen het ‘hart’ van de Nederlandse democratie. Gedoeld wordt op het Tweede Kamerdebat over Racisme in Nederland en het Nederlandse slavernijverleden. Tot in de late uurtjes wachtend op wat de verschillende moties aan uitkomst zouden opleveren. 

Velen waren vooral gespitst op de antwoorden van minister President Rutte op de vele vragen die hem waren gesteld. Onder meer over het aanbieden van Excuses voor het Nederlandse slavernijverleden. Een enkele woordvoerder was vergeten dat de multiracialiteit van Nederland niet meer te stoppen is. Dit uit zich door onder meer de fysieke aanwezigheid van de Afrikaanse diaspora gemeenschappen en andere (etnische) gemeenschappen, bijvoorbeeld uit Suriname en Caribisch Nederland. Dat mensen hier zijn is omdat Nederland eeuwenlang daar is geweest. 

Laten we beginnen bij het Debat over Excuses

Minister President Rutte (in het vervolg Premier) gaf aan dat: Excuses aanbieden voor het Nederlandse slavernijverleden het risico in zich draagt dat de samenleving nog verder zou polariseren. Uit zijn redenering kon worden afgeleid dat de Premier de Internationale dimensie uit het oog was verloren. Dit omdat Excuses niet alleen gericht dient te zijn op de nationale Nederlandse consumptie. Het internationale trans-Atlantische karakter van Excuses mag nooit uit het oog worden verloren. Het aanbieden van Excuses gaat om meer dan alleen Nazaten van de tot slaaf gemaakten woonachtig in Nederland. Het gaat om alle Nazaten van de tot slaaf gemaakten woonachtig buiten Nederland in de landen die slachtoffer zijn geweest van de misdaden tegen de menselijkheid. Van Afrika (het continent) tot Suriname en Caribisch Nederland om een paar te noemen. Het gaat om Excuses in het perspectief van Reparatory Justice. En dat is meer dan geld alleen. 

Worsteling

Volgens de Premier was het voor het Kabinet een worsteling om tot het standpunt te komen om geen Excuses aan te bieden. De vraag die onmiddellijk rijst is, in welke mate het een worsteling voor het Kabinet is geweest. In het Kabinet zijn van de 30 maar liefst tien D66 bewindspersonen (inclusief staatssecretarissen) vertegenwoordigd en drie van de Christen Unie. Ze zijn van dezelfde politieke partij wiens Fractie woordvoerders van mening zijn geweest dat Excuses gerechtvaardigd zijn. Betekent het nu dat de D66 en CU bewindslieden niet hebben kunnen overtuigen dat de door de Premier aangevoerde (drog)redenen de gevreesde polarisatie juist in de hand zou kunnen werken? Van het CDA begrijpen we al helemaal niets omdat CDA’ers verenigd in de Raad van Kerken in 2013 het aandeel van de Kerken terzake de misdaden tegen de menselijkheid in de verschillende Nederlandse kolonies hebben erkend. Lees. En de reactie van het LPS.

Ondanks de schuldbekentenis blijven de CDA en de CU Bewindslieden in het Kabinet zwijgen als het graf, over het racistisch fenomeen ‘zwarte piet’. Het komt het LPS een beetje hypocriet over als de CU pleit voor Excuses enerzijds en anderzijds niets onderneemt om ‘zwarte piet’ te bestrijden. 

De overeenkomsten met Professor Emmer

Op het moment dat de Premier bezig was om zijn redenering ‘handen en voeten’ te geven moesten we terstond denken aan Professor Dr. Piet Emmer. Het was een redenering van dezelfde strekking die deze Professor structureel gebruikt om Excuses voor de Nederlandse trans-Atlantische slavenhandel en slavernij te bagatelliseren. Gelukkig zijn de Professoren Pronk, Van Stipriaan en Van Deursen een andere mening toegedaan. Lees meer. 

Het verleden is de kompas dat ons vertelt waar we zijn geweest, waar we nu staan, waar we nog naar toe moeten en wat er moet gebeuren om de eindstreep te bereiken, opdat onze kinderen en kindskinderen kunnen zeggen “free at last”. We zijn het de huidige generatie Nazaten van de tot slaaf gemaakten verplicht om orde op zaken te stellen zodat we de toekomst met een schone lei tegemoet kunnen treden. Mede in het kader van 45 jaar Staatkundige onafhankelijkheid van Republiek Suriname, 2021, 20 jaar na Durban, 5 jaar VN International Decennium voor mensen van Afrikaanse afkomst. De Politieke Wil om veranderingen tot stand te brengen is op dit moment funester dan ooit.

Dit zullen we zo meteen illustreren. 

OPO KONDRE MANG UN WIKI

Wat kunnen we nog meer leren over Excuses?

Excuses voor de geweldsmisdrijven in Indonesië

Tijdens het Staatsbezoek van Koning Willem Alexander en Koningin Maxima aan Indonesië in maart jl. heeft de Koning namens de Nederlandse regering Excuses aangeboden voor de Nederlandse geweldmisdrijven die tijdens de koloniale periode door Nederland zijn gepleegd. Lees het nieuwsbericht.  

Van polarisatie in de samenleving is geen sprake geweest. In tegendeel de Afrikaanse (diaspora) Nazaten van de tot slaaf gemaakten waren het eens. Ook al zijn zij niet schuldig geweest aan dat verwerpelijk Nederlands verleden, ook de jongere generaties vonden het prima, ook al voelden zij zich niet verantwoordelijk voor de gepleegde misdaden.  

Koning Willem Alexander zei: "...Voor de geweldsontsporingen van Nederlandse zijde in die jaren wil ik hier nu, in navolging van eerdere uitspraken van mijn regering (lees Bot), mijn spijt uitspreken en excuses overbrengen. Dit doe ik in het volle besef dat de pijn en het verdriet van de getroffen families generaties lang voelbaar blijven”. Deze laatste volzin is precies wat Professor Theo van Boven in zijn concluding observations (2001) heeft bedoeld te zeggen: “…History is not a closed book describing the past it has effects on the lives and psychology of present generations.”

Lees  

Het is evident dat de doorsnee witte Nederlander geen enkel gevoel heeft bij de slavenhandel en slavernij misdaden van Nederland ver over de grenzen. Zie hier het belang van het LPS om het juiste verhaal te blijven vertellen en om aan te sturen tot Reparatory Justice. Vooral wanneer politici doen alsof hun neus bloedt. 

Het begrippenkader

Er is nog veel meer te leren uit voorbeelden van Excuses of Spijtbetuiging die namens de Nederlandse regering in verschillende perioden en momenten zijn uitgesproken.  

1)    De Excuses door Koning Willem Alexander ondersteunt de visie van het LPS dat de spijt die betuigd is door voormalig minister Roger van Boxtel tijdens de Derde VN Wereld Anti Racisme Conferentie in 2001 in Durban, Zuid Afrika, niet aangemerkt kan worden als te zijn het aanbieden van ‘Excuses’ door Nederland. Bovendien heeft Van Boxtel zijn woorden van ‘remorse’ in algemene zin uitgesproken (zie ten bewijze van deze stelling paragraaf remorse, pagina 4 van Van Boxtel heeft het gehad over ‘enslavement and slavetrade’, zonder het in verband te brengen met de trans-Atlantische slavenhandel en slavernij door Nederland. In tegenstelling tot Koning Willem Alexander die tijdens het aanbieden van Excuses in Indonesië wel een verband heeft gelegd met de misdaden tegen de menselijkheid door te verwijzen naar de geweldsontsporingen aan Nederlandse zijde. Dit uitgangspunt is essentieel. 

2)    In 2013 betuigde vice Premier Asscher namens de Nederlandse regering spijt over de Nederlandse slavernij. Ook hier is het summier gebleven. De misdaden die gepaard gingen met de trans-Atlantische slavenhandel zijn niet genoemd. “Ik kijk terug op deze schandvlek in onze geschiedenis", zei Asscher bij het Nationaal Monument slavernijverleden in Amsterdam. "Ik kijk terug en betuig diepe spijt en berouw over hoe Nederland is omgegaan met de menselijke waardigheid. De minister heeft in de ‘ik’ vorm gesproken. De essentie van de (Afrikaanse) menselijkheid en de misdaden tegen de menselijkheid kwamen in zijn éénrichtingverkeer-statement niet aan de orde. 

3)    Op 26 oktober 2016 tijdens de lancering van dit VN Decennium memoreerde dezelfde vice Premier Asscher het volgende in zijn statement: “….slavernij is een 'schandelijke smet' op de Nederlandse geschiedenis…. Het is essentieel dat we erkennen wat er is gebeurd en welke sporen dat tot de dag van vandaag heeft achtergelaten….Erken dat er racisme was en is…Eén van de prioriteiten waarmee Nederland dit decennium ingaat”, aldus Asscher, is “….erkenning. Erkennen dat er racisme was en is. Erkennen dat we nog steeds niet zijn verlost van verwerpelijke vooroordelen en stompzinnige stereotyperingen uit de tijd van de slavernij. Het valt niet te ontkennen: er wordt nog steeds – bewust en onbewust – gediscrimineerd. Op sociale media, bij sollicitaties, bij politiecontroles." 

4)    ‘Diepe afschuw, berouw en spijt’ (minister Koolmees). Onlangs op 1 juli minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vertelt dat “diepe spijt en berouw niet voldoende zijn”. Wat dan wel. Maar hoe komt het dan dat men het ene woord Excuses niet over de lippen kan krijgen? Immers Excuses impliceert een tweerichtingsverkeer die we in ontvangst kunnen nemen voor ‘zij die niet meer kunnen spreken’. 

Wat een lijdensweg! 

Laten we het nu hebben over de Maatregelen

In de opsomming van de maatregelen maakte minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K. Ollongren, melding van de instelling van een (zoveelste) Adviescommissie die de komende tijd gesprekken zal organiseren over het Nederlands slavernijverleden en de doorwerking daarvan in de hedendaagse samenleving. Hoewel het LPS blij is met in ieder geval Typhoon (Glenn de Randami), Edgar Davids en Ruben Severina.

Volgens de minister in haar Kamerbrief, zijn: "Discriminatie en racisme hardnekkige problemen in onze samenleving. Daarom is het belangrijk om met elkaar het gesprek aan te gaan om stil te staan bij wat het slavernijverleden voor mensen in het heden betekent. Zo kunnen we een pijnlijk verleden omzetten in iets wat ons als samenleving verbindt in plaats van verdeelt 

Deze strategie van het organiseren van ‘praatgroepen’ is niet nieuw. Het is de zoveelste ‘praatgroep’ die in de afgelopen decennia als oplossing wordt aangedragen. Jammer genoeg heeft de minister het in dit verband niet gehad over de erkenning van het begrip Afrofobie als de specifieke term om de meervoudige vormen van racisme tegenover mensen van Afrikaanse afkomst te duiden. We kunnen dus bij de minister beginnen om haar duidelijk te maken dat ze zelf discrimineert.

Omdat er maar omheen wordt gedraaid. De minister heeft het ook niet gehad over het oprekken van artikel 1 van de Grondwet met de gronden ‘etniciteit en nationaliteit’. De vraag rijst wat achter de jarenlange weigering van de Politieke bestuurders schuil gaat om de aanbevelingen van de CERD in deze op te volgen? Praatgroepen zullen dus geen zoden aan de dijk zetten als de Politieke Wil ontbreekt om te doen wat ze moeten doen op het gebied van maatregelen die de fundamentele rechten van alle burgers waarborgen.

Want laten we wel wezen! Tijdens het Kamerdebat herhaalde de Premier zijn standpunt dat hij niet vindt dat ‘zwarte piet’ een racistisch fenomeen is. In zijn beargumentering suggereerde hij bovendien dat het niet gepast is dat van buitenaf, Nederland de les wordt voorgelezen hoe met deze situatie om te gaan. De vraag is waar de Premier op doelde met van buitenaf? De brief van Burgerrechten Activist, Jesse Jackson; de Resoluties (2019 en 2020) van het Europees Parlement, de vele aanbevelingen van Verenigde Naties Organen? Want laten we wel wezen. We zullen nooit verder komen als de hoogste Politieke baas van mening is dat ‘zwarte piet’ geen raciaal profiel representeert. Belangrijk is dat de Premier zelf het goede voorbeeld geeft en de waarheid spreekt. Van uit zijn ziel. Want dom is hij niet. 

OPO KONDRE MANG U OPO KINKI PRAKSERI E KARI UN 

Vertragingstactiek???

Gezocht naar de achtergrond van de instelling door minister Ollongren van deze onderhavige Adviescommissie slavernijverleden stuitte het LPS op het volgende:  

Het proces is in gang gezet na de indiening van de breed gedragen motie van Eerste Kamerlid, Professor Mr. P. Nicolai van de Partij voor de Dieren, in het kader van het Nederlands slavernijverleden. In de motie wordt onder andere gepleit voor de erkenning bij wet van het Nederlandse slavernijverleden in navolging van Frankrijk.

Lees hier  Lees in verband met de stemming. 

Vervolgens gaat hij in – op het verzoek van minister van Justitie en Politie om de motie nog niet in stemming te brengen maar aan te houden. In een brief aan de Eerste Kamervoorzitter antwoord (waarnemend) minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R. Knops, als volgt in In de brief verwijst de minister naar een Kamerbrief uit 2019 over voornemens, onder meer op het gebied van een Dialoog. Na een jaar bleek aan de voornemens nog geen uitvoering te zijn gegeven. 

De installatie van die Adviescommissie heeft zich onlangs voltrokken. Het doel is om een basis door middel van Dialoog, opinies te achterhalen over dat wat Eerste Kamerlid Nicolai beoogt met zijn motie. Een maatregel waar de minister tijdens haar periode als wethouder in Amsterdam ervaring mee heeft opgedaan. Het is bekend dat ondanks de jarenlange dialogen we niet zoveel zijn opgeschoten. Het LPS vermoedt dat de belangrijkste oorzaak gelegen is in de frustrerende statements van bewindspersonen.

Op het moment dat een Premier volhoudt dat ‘zwarte Piet’ niet racistisch is zal het onmiddellijk effect hebben op de inhoud van de dialogen. Dit geldt ook voor het onderwerp Excuses. 

De vraag rijst, waarom de stem van de Nederlandse bevolking als geheel in deze noodzakelijk is om ‘motie Nicolai’ uit te voeren terwijl er een gekozen volksvertegenwoordiging is die namens hen spreekt en bevoegd is om politieke besluiten te nemen? Zijn de Resoluties (2019 en 2020) van het Europese Parlement niet toereikend genoeg om te handelen? En de feiten die hebben geleid tot de instelling van het Internationaal VN Decennium voor mensen van Afrikaanse afkomst? 

Landelijk Netwerk Slavernijverleden

We brengen u ook in herinnering dat onder leiding van voormalig minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Bussemaker) er een Landelijk Netwerk Slavernijverleden (met een Amsterdamse stedelijke dimensie) was geconsolideerd met als opdracht, eensluidend aan wat de minister Knops noemt in zijn schrijven aan de Eerste Kamervoorzitter. In dit netwerk zijn een groot aantal wetenschappers betrokken. Op de website treffen we de volgende passages aan: “Het Landelijk Netwerk Slavernijverleden werkt samen met partners uit de erfgoed- culturele en educatieve sector aan het realiseren van een netwerk van instellingen die aandacht besteden aan het slavernij- en koloniale verleden. Doelstelling is om grotere zichtbaarheid van deze activiteiten te bereiken en om een vindplaats te zijn voor informatie, zowel over het verleden zelf als over activiteiten daarover…”.

De taken van dit zogenoemde Landelijk Netwerk richten zich ook op een bredere erkenning en inbedding van dit gedeelde verleden, zoals de waarnemend minister (Knops) aan de Eerste Kamervoorzitter schrijft. Dus is de vraag hoe de activiteiten van dit Landelijk Netwerk zich verhouden tot die van de nieuwe Adviescommissie. 

Hoeveel dialogen, netwerken en adviescolleges en jaren, decennia, eeuwen zijn nog nodig om de misdaden tegen de Afrikaanse menselijkheid officieel te erkennen?  Hoe lang nog moeten burgers van Afrikaanse afkomst in Nederland nog in een ‘wurggreep’ worden gehouden? 

OPO KONDRE MANG UN OPO