Jerry Afriyie blikt terug op een succesvolle #1julivrij campagne

Door Kimberly Jansen

Keti Koti. Dia di Abolishon. De dag waarop we herdenken dat de slavernij in 1873 officieel werd afgeschaft in Suriname en de voormalige Antillen. De dag waarop we vrijheid vieren. Vrij van de trans-Atlantische slavernij, vrij van gedwongen arbeid en mensonterende praktijken, maar niet vrij van de doorwerking van dit verleden in het heden.

Anderhalve eeuw na de afschaffing van de slavernij hebben we nog steeds te maken met institutioneel racisme, discriminatie en stereotyperingen zoals zwarte piet. Excuses en herstelacties zijn nodig om patronen te doorbreken. Van 1 juli een nationale herdenkingsdag maken is een begin.

Zo vindt Jerry Afriyie van Nederland Wordt Beter, een van de initiatiefnemers van de campagne ‘Ik neem vrij op 1 juli.’ We blikken terug op een succesvolle campagne.

Eind juni startten Nederland Wordt Beter, The Black Archives, FunX, Tony’s Chocolonely en LUSH een campagne om van 1 juli een nationale herdenkingsdag te maken. Want hoe kan je dit verleden een plek geven zonder hier oprecht bij stil te staan en de bijbehorende verantwoordelijkheden te nemen? Zeker omdat het slavernijverleden onderdeel is van de geschiedenis van alle Nederlanders.

Jerry Afriyie vertelt

Suriname en de Caribische gebieden maken al langer onderdeel uit van Nederland dan Limburg. Zwarte mensen en gemeenschappen waren al onderdeel van Nederland voordat het zich een onafhankelijk, autonoom land kon noemen. Van de vijf eeuwen dat Nederland onafhankelijk is, maken het slavernijverleden en de gevolgen hiervan vier eeuwen onderdeel uit van onze geschiedenis. Dit laat zien hoe erg Nederland verweven is met haar slavernijverleden"

Het is een nalatenschap die we collectief meedragen. Je kan een erfenis niet gedeeltelijk aanvaarden. We kunnen niet genieten van de rijkdommen die vergaard zijn tijdens deze periode en tegelijkertijd onze ogen sluiten voor de schaduwzijde van die tijd. Het is alles of niets. Of je neemt volledige verantwoordelijkheid voor het verleden of je neemt er volledig afstand van. En aangezien men geen afstand zal nemen van de welvaart, moet er meer erkenning komen voor het slavernijverleden.

Afbeelding

vrij op 1 juli

De campagne ‘Ik neem vrij op 1 juli’ heeft overduidelijk een positieve bijdrage geleverd aan deze erkenning. Vrij nemen is iets dat in het verleden al vaak werd gedaan door nazaten van tot slaaf gemaakten. Het is niet nieuw. Maar het feit dat meer dan duizend mensen via social media deelden dat ze op 1 juli vrij zouden nemen zegt veel. Ook het bedrijfsleven bleef niet achter: ’’meer dan 100 bedrijven hebben meegedaan, wat betekent dat duizenden mensen vrij waren op basis van de campagne.’’

Volgens Jerry is er progressie. Dit blijkt ook uit het feit dat de media live verslag doet van de herdenking en de viering van Keti Koti. Er was echter ook kritiek van mensen die de boodschap niet goed begrepen.

’’We snappen dat er essentiële beroepen zijn en dat niet elke werkgever vrij kan geven op 1 juli. Werknemers die werken op 1 juli moeten 200% uitbetaald worden, tenzij ze gebruik maken van een compensatiedag. Een compensatiedag houdt in dat de werknemer op een andere dag in het jaar een vrije dag moet kunnen opnemen als een vervangende dag voor de vrije dag op 1 juli

Het momentum moet worden vastgehouden. We kunnen het ons niet veroorloven om te verslappen en pas in juni 2023 de strijd weer op te pakken. We moeten doorzetten totdat we als community rust kunnen nemen.

’Wij houden het momentum vast door mensen te blijven stimuleren het gesprek aan te gaan binnen hun bedrijf of organisatie. Via onze website zullen we tips en richting geven over hoe dit aan te pakken. Daarnaast volgen na de zomervakantie andere acties om continuïteit te geven aan de campagne. Denk hierbij aan directe acties richting politieke partijen en bedrijven die nog een push in de goede richting nodig hebben. Het is heel belangrijk om door te zetten zodat we volgend jaar, 150 jaar na de werkelijke afschaffing van de slavernij, het maximale eruit kunnen halen voor de Zwarte gemeenschap en de nakomelingen van de tot slaaf gemaakten.’’

Andere acties van Stichting Nederland Wordt Beter dragen er ook aan bij om van 1 juli een nationale herdenkingsdag te maken. Elk jaar consistent strijden tegen zwarte piet, bijvoorbeeld, heeft gezorgd voor meer bewustwording, begrip en verandering.

Ook de Dag van Empathie en onze educatieve lespakketten moeten ervoor zorgen dat steeds meer empathische en bewuste mensen zullen opstaan die denken: waarom zullen wij, op de dag dat we slachtoffers herdenken die eeuwenlang in onvrijheid moesten leven om dwangarbeid te verrichten, onszelf laten dwingen om te werken? Waarom geen vrije dag om te laten zien dat we werkelijk vrij zijn en ons niet langer laten dwingen om werk te verrichten? De ene vindt het een symbolische daad, ik vind het een krachtig verzet tegen slavernij.”

Het feit dat steeds meer mensen vrij nemen op 1 juli toont aan wat er speelt onder een groot deel van de samenleving. En wanneer de maatschappij in beweging is krijg je de politiek op den duur ook in beweging. Dus was jij 1 juli niet vrij? Geen zorgen, de strijd gaat door totdat we op 1 juli allemaal vrij zijn.