Een slavernijmuseum is een investering

Door Simion Blom

De trans-Atlantische slavernijgeschiedenis verdient het om een eigen museum te hebben. Een Slavernijmuseum zal een ongemakkelijk verhaal blootleggen. Maar juist vanwege dat ongemak leren we, groeien we en gebruiken we onze collectieve kracht om deze samenleving beter te maken. Dat is wat een slavernijmuseum moet vertellen - een verhaal van lijden, onmenselijkheid, angst maar ook van hoop, verandering en gelijkwaardigheid.

De minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap heeft recentelijk aangegeven de oprichting van het slavernijmuseum te steunen. Daarnaast noemde de gemeente Amsterdam de oprichting “een prioriteit”. Voor nu is er jaarlijks 1 miljoen euro toegezegd.

Ondertussen hebben het NiNsee, Museum Zonder Muren en Izi-Solutions de afgelopen maanden hard gewerkt om tot een onderzoeksplan te komen, dat met ondersteuning van de gemeente Amsterdam zal worden gefaciliteerd.

Op basis van de uitkomsten van het onderzoek zal duidelijk worden hoeveel geld er uiteindelijk nodig zal zijn om het museum te bouwen. Dan is het duidelijk hoeveel er concreet geïnvesteerd moet worden door Amsterdam, het Rijk en andere partners. Ook de gemeenschap kan bijdragen, als duidelijk is hoe groot de investering moet worden.


In het najaar van 2019 gaat de volgende fase in, waarin wordt gewerkt aan het proces, de kaders en de governance structuur van het slavernijmuseum. Deze fase zal naar verwachting negen maanden duren.

Het slavernijmuseum zal zich in eerste instantie richten op de trans-Atlantische slavernij. Een goed museum echter plaatst die geschiedenis in een bredere context van kolonialisme en andere vormen van slavernij in diezelfde periode.

Op basis van de ervaringen die de eerste jaren na oprichting worden opgedaan, is het niet ondenkbaar dat het museum ook structureel aandacht gaat besteden aan slavernij in de Oost.

In het museum zal het totale verhaal verteld moeten worden. Het verhaal wat tot nu toe eenzijdig verteld wordt en onderbelicht is. De trans-Atlantische slavernij staat centraal in de Nederlandse historie. Deze geschiedenis is er één die we delen. Wanneer we het openlijk benaderen werkt het door op de Nederlandse identiteit en is het tevens een investering in de waardigheid en volwassenheid van Nederland en Nederlanders.

Geïnteresseerd in de voortgang? Bezoek dan de speciale website van de gemeente Amsterdam:


Simion Blom (GroenLinks) is gemeenteraadslid van Amsterdam. ie geschiedenis in een bredere context van kolonialisme en andere vormen van slavernij in diezelfde periode. Op basis van de ervaringen die de eerste jaren na oprichting worden opgedaan, is het niet ondenkbaar dat het museum ook structureel aandacht gaat besteden aan slavernij in de Oost.