Jerry Afriyie | Amsterdam Zuidoost, 10 juni 2020

 Laat vandaag de eerste dag zijn van onze toekomst.’ 


Mijn naam is Jerry King Luther Afriyie. Ik kom uit de Bijlmer!

In de jaren ‘90 heb ik de beklemmende gevolgen van de erfenis van slavernij en kolonialisme voor zwarte mensen ondervonden, toen ik in de Bijlmer kwam wonen. Ik kwam als elfjarige jongen naar Nederland als gevolg van de scheiding tussen mijn ouders. Ik woonde met mijn moeder in Ghana en trok bij mijn vader in Nederland in na de scheiding. Na een korte stop in Utrecht zijn we in de Bijlmer komen wonen. Mijn vader twijfelde of wij hier een toekomst konden hebben. Ook hij was onder de indruk van de negatieve berichten over de Bijlmer, die niet altijd onwaar waren.

Ik groeide op in de H-Buurt en elke dag werd mij duidelijk gemaakt dat ik niet gewenst was in Nederland, vanwege mijn huidskleur en afkomst. Vele café’s in de stad weigerden ons. Je hele dag kon opgefokt raken bij het zien van een politieagent, omdat hun aanwezigheid zoveel trauma aan politiegeweld naar boven bracht. De uitzendbureaus stonden vol met vacatures die het signaal gaven: hier wonen alleen maar mensen voor de schoonmaakploeg, voor de fabrieken en de zorg. Op school werden wij ontmoedigd om al te hoge aspiraties na te streven. Wij hebben ook dromen, maar lage opleidingen en goedkope arbeid is tot nu toe de enige optie geweest die ons land voor ons over had.

Het is pijnlijk, wanneer ik zoveel creatievelingen om mij heen zien, zoveel mooie hersenen die wereldvrede kunnen brengen, en zoveel warmte, weggestopt net als al onze talenten in de Bijlmerflats, die niet de kansen en de mogelijkheden krijgen om hun vleugels uit te slaan. Het raakt mij als vader wanneer ik zie hoe onze kinderen van vrolijke, onbevangen wezens veranderen in bittere en woedende tieners. Ik heb een jongen een oudere vrouw, die zijn moeder, misschien wel zijn oma had kunnen zijn, tegen de vlakte zien schoppen, omdat ze hem aansprak op diens ongewenste gedrag. Mijn hart brak. Onze jongeren zoeken het geweld op, omdat ze gebroken zijn voordat hun leven echt op gang komt.

Geen subsidie, geen strijd

Ik heb dit land doorgereisd, soms met gevaar voor eigen leven, om witte mensen in hun huis, in hun wijk, op hun scholen, in hun gemeentehuizen, erop te wijzen dat Black Lives Matter. Wij hebben onbetaald in tien jaar tijd meer voor elkaar gekregen dan instituten en de overheid samen voor elkaar hebben gekregen als het gaat om het bestrijden van racisme. Wij zijn zo ver gekomen, niet dankzij de overheid of subsidiepotten, maar ondanks de overheid of subsidiepotten. En nog steeds wil men racisme onverminderd in stand houden. En dan ben je boos als wij zeggen: wij schoppen zwarte piet? Je zou je boos moeten maken over het alledaagse racisme in plaats van boos te maken over de moedige mensen die dag en nacht weerstand bieden tegen racisme.

We hadden er natuurlijk voor kunnen kiezen om eerst betaald te krijgen voordat wij eindelijk gingen opstaan tegen onze onderdrukking. Sandew Hira zei mij ooit: voor velen in dit land geldt “geen subsidie, geen strijd.” We hadden kunnen zeggen: laten we het eerst overal met elkaar over eens zijn voordat wij aan de slag gaan. Als je huis in brand staat, ga je niet eerst overleggen, je komt in opstand en je eist je mensenrechten op. Pronto! Wij doen niet aan gesubsidieerde strijd. Onze toekomst en die van onze kinderen is veel te belangrijk om onze verantwoordelijkheid en focus te verliezen voor kruimels.

De Bijlmer Familie

We zijn vandaag bijeen gekomen met de Bijlmer Familie in ons geliefde park. Dit keer geen Kwakoe, bara’s en Patrick’s. Dit keer omdat wij het met elkaar eens zijn dat zwarte levens ertoe doen en dat het tijd wordt dat wij opstaan. En iedereen die ons in de weg zit, omdat wij net zoveel om onszelf geven als zij om zichzelf geven, kan beter een plan B hebben. Wij wonen hier en we zijn het zat dat er beter voor de gebouwen en de straten wordt gezorgd dan voor de bewoners. We zijn het zat dat de wensen van nieuwe bewoners en bedrijven meer voorrang krijgen dan onze mensenrechten.

Het hele land kan ons vertellen: de Bijlmer kampt met geweld, onveilige buurten, armoede, alleenstaande moeders, enzovoort. Maar kan het hele land ons vertellen over Desai Breeveld, die onlangs zijn gymnasium-diploma heeft gehaald? Kan het land ons vertellen over , Jessica de Abreu, Samantha Everduim. Het hele land kan ons vertellen over jonge criminelen, maar kan het land ons vertellen over Sven, die in de H-Buurt de jongeren hoop geeft? Het land kan ons vertellen over tienermoeders, maar kan en wil het land ons ook vertellen over ?

Onze parels

Aan onze jongeren, onze parels, onze toekomst, wil ik het volgende kwijt. Ik ga jou niet vertellen: ga naar school. Ik ga je wel zeggen: ga voor je toekomst. Ik ga niet zeggen: ga stemmen, wel ga ik zeggen: waar dan ook, met wie dan ook: sta op voor je rechten. Wij hebben de deur tot een gelijkwaardige bestaan op een kiertje voor je gezet zodat jij die niet hoeft in te trappen. Als wij het over de leiders van morgen hebben, hebben wij het over jou. Jij bent niet te missen, in de toekomst die voor ons allen ligt. We hebben je nodig net zo hard als jij snapchat nodig hebt. Geef je alles en mocht het tegenzitten, weet dan vanaf vandaag: backup staat klaar.

Ondanks dat mijn wieg elders heeft gestaan, verschillen onze verhalen niet veel van elkaar. Ik ben de eerstgeborene van een tienermoeder. Dus geloof mij als ik zeg: ik ken de kracht van de zwarte vrouw, maar ook de uitdagingen die erbij komen kijken. Ik heb meermaals wapens in mijn handen gehad, die ik wilde gebruiken tegen een andere zwarte man, omdat ik vond dat mijn ‘eer’ was aangetast. Ook ik heb willen bewijzen dat ik een man ben, door de verkeerde keuzes te maken. Door heel veel geluk sta ik hier nu voor jou en ben ik niet weggestopt in de gevangenis of begraven op De Nieuwe Ooster-begraafplaats, zoals vele jonge mensen uit de Bijlmer.

Vicieuze cirkel doorbreken

Ik spreek mijn hoop uit dat wij het vanaf vandaag anders gaan doen. Laat deze krachtige dag niet uitmonden in loze woorden en beloftes. We hebben genoeg loze woorden en beloftes achter de rug. Zwarte levens doen ertoe en het is al 400 jaar vijf voor twaalf. Laat vandaag de eerste dag zijn van onze toekomst. En we mogen niemand buitensluiten omdat die persoon niet snel genoeg is, omdat hij slecht ter been is, omdat zij een geloof aanhangt of geen geloof aanhangt, omdat dit prachtige wezen op hetzelfde geslacht valt of omdat die van Afrikaanse komaf is, Surinaams is, Dominicaanse of een andere etniciteit is. We moeten af van het gekibbel over wie zwart genoeg is of niet, wie te licht is, niet hoog opgeleid, te hoog opgeleid is. We moeten af van die verdeel-en-heers-mentaliteit, die krabbenmentaliteit moet voorbij zijn. We hebben elkaar, zonder uitzondering, nodig.

Zuidoost, mijn geliefde Bijlmer, ik ben weggeweest, maar ik ben terug. Als je mij niet ziet, weet dat ik jou wel zie. Weet dat ik weet dat je terecht boos bent op de samenleving en weet dat als jouw hart huilt, net als wanneer we onze mooie jongeren verliezen aan zinloos geweld, weet dat mijn hart met je mee huilt.

Laten wij elkaar vasthouden en elkaar nooit meer laten gaan.