Gewoon zomaar een verhaal uit mijn barbershop

Ik ben zo'n beetje overal ter wereld naar de kapper geweest en vind het grappig hoe je bepaalde barbershop personages er altijd tegenkomt. Ik ging gisteren knippen en zag ze weer allemaal.


DE VETERAAN die nog een beetje vastzit in eind 80-er jaren, altijd in die achterover leun houding die alleen kappers van zijn leeftijd kunnen. Heeft soms zijn zonnebril achterstevoren op zijn achterhoofd, zoals het toen hoorde .

Hij heeft naast de kapperszaak ook zijn high profile prive klanten die niet naar de zaak komen. Als hij je aan het knippen is gaat altijd zijn telefoon en voert hij een snel afspraak gesprek. Dat gaat zo tiktok en stilletjes dat je hem bijna ervan wil verdenken dat hij shady is.

Tegenwoordig knipt hij gewoon door tijdens het gesprek, want hij heeft nu altijd zijn bluetooth oortje erin zitten, of hij nou naar muziek luistert, een gesprek aan het voeren is of niet. Hij heeft ouwemannencool. Zijn kapperstafel is achterin de zaak, waar hij overzicht heeft.

Vandaag had hij een zakdoek over zijn hoofd gedrapeerd, met knoopjes in de hoeken zoals ze vroeger deden wanneer ze door de regen moesten en ze zichzelf wilden beschermen tegen de druppels. Hij is al uren binnen, maar die zakdoek zag er te cool uit om eraf te halen. Die ouwemannencool toch. Hij is supervriendelijk; geeft je altijd een boks wanneer je binnenloopt. Bij hem op de stoel kom je niet zomaar, maar soms verrast hij je ineens en dan ben je trots!

DE TWEEDE KAPPER in de rangorde heeft zijn tafel in het midden van de zaak. Zijn haar is altijd perfect geknipt. Ik vraag me altijd af wie dat voor hem doet. Hij zegt niet veel. Beetje stuurs, is daar om te knippen en knippen is wat hij doet wanneer hij daar is.

Hij gaat met lunch wanneer het lunchtijd is. Hij heeft dan miraculeus geen klanten, zegt dan niks en loopt gewoon ineens weg; iedereen weet dat hij gaat lunchen. Wanneer hij terugkomt is het een minuut voor zijn volgende klant.

Hij heeft altijd flesjes haarproduct en clippers uitgestald en je weet nooit zeker of hij ze nou verkoopt of als ze gewoon daar staan ter decoratie.

Hij heeft ook een paar high profile klanten, maar dat zijn die klanten die de veteraan kapper naar hem doorschoof. Die twee zijn trouwens vrienden. Je ziet ze nooit wat tegen elkaar zeggen, behalve een heel erg diepe inside joke.

Ik denk dat zij elkaars haar knippen trouwens.

Hij knipt ook altijd die vrouw die speciaal naar de barbershop komt om haar wenkbrauwen te doen. Of haar kapsel in een lowcut heeft. Ze gaat bij niemand anders.

Hij knipt niemand anders dan zijn vaste klanten. Als je binnen loopt kijkt hij je aan met die blik die je zegt dat hij je ook vandaag niet gaat verrassen.

MIJN KAPPER. Die is gewoon. Een mati die ik soms tegenkom in de club. Kent mijn voornaam, weet wat voor soort werk ik doe en waar. Hij heeft een foto van zijn gezin op zijn station en een koelkast eronder waar je als zijn vaste klant een sapje of een flesje water mag pakken. Je hoeft er nooit voor te betalen, maar hij geeft je ook nooit kleingeld terug. Het is een onuitgesproken regel. Als je hem het preciese bedrag geeft voelt het vreemd aan. Hij heeft later zijn eigen barbershop. Hij heeft geen speciaal kapsel. Mijn kapper is cool!

DIE LEERLINGKAPPER die jarenlang alleen alle haar van de vloer veegt en op éénvoet wacht op zijn kans. Maar die komt niet want er is altijd haar op de vloer en geen enkele klant vertrouwt hem met zijn hoofd. Hij is vaak het 17-jarige neefje van de veteraankapper. En zijn naam eindigt vaak op ie, zoiets als Pookie of Jerrie of Junie als hij van Curacao komt. Als hij alleen in de zaak is, en hij een klant zijn hoofd aan het verpesten is, speelt de jongemensenmuziek keihard. Hij gaat later bij mijn kapper werken wanneer die zijn eigen barbershop opent. 

DIE DRONKENLAP of die straatverkoper die iedereen in de barbershop kent, behalve jij. Hij zwalkt om 10u al beschonken binnen, maar niemand jaagt hem echt weg wanneer hij dom begint te lullen. Iedereen weet dat hij het niet echt meent en iedereen kan een beetje om hem lachen. Zijn kapsel is altijd on point, dus je weet dat een van de kappers familie van hem is of tenminste een hele goede vriend. Jij durft daarom niet om hem hoofdschuddend en vol afkeur aan te kijken. Hij heeft altijd een grappige naam, als Pork Chop of Mocanic. Bij mijn kapper heet hij Dr. 

DIE KLANT die met zijn dure zonnebril aan komt lopen en zo cool gekleed is dat je je afvraagt waarom hij geen high profile klant is. Hij lacht nooit en kijkt altijd gangster. Hij rijdt een low rise Volkswagen Golf met getinte ramen; je weet zeker dat hij wel shady is.

DIE SINGLE VROUW die altijd toevallig haar twee zoontjes naar de kapper brengt en in een hoekje (goed)keurend gaat zitten toekijken hoe de mannen aan het werk zijn. Als ze binnenloopt verstommen alle gesprekken die over vrouwen gaan en wordt er ineens gospel afgespeeld. Net niet te luid.

DIE WHITE BOY die alleen naar de zwarte kapper komt omdat hij ervan uitgaat dat naar een zwarte kapper gaan hem streetcred geeft. Hij kent één van de kappers van vroeger, dus zo begon het, maar hij is eigenlijk ook cool genoeg om gewoon naar de zwarte kapper te kunnen; don’t mess with him. Zijn kapsel is strak! Zijn kapper is trouwens die tweede kapper in de rangorde.

Hij neemt soms een andere white boy mee, groen als een klaverblad, maar die komt mee want hij wil ook streetcred. De kapper van zijn maat keurt hem echter geen blik waardig. Dus hij gaat eerst heel afwachtend en ongemakkelijk zitten en zijn ogen uitkijken in deze zwarte mannenwereld, terwijl iedere andere kapper hem ook negeert totdat de leerlingkapper hem oppikt, blij dat hij een proefkonijn heeft. Dan gaat iedereen glimlachend afwachten hoe hij gaat reageren wanneer zijn kapsel langzaam maar zeker upgefucked wordt. Misschien stapt mijn kapper nog in om de leerlingkapper wat pointers te geven en voor zichzelf te behoeden. Want mijn kapper is cool. 

Doe je ogen eens open bij de kapper. Het is een microcosmos