Hands down

Vrijdagavond laat op de bank, tablet in mijn handen, televisie op de achtergrond. Een bericht op een site over Muhammad Ali, in het ziekenhuis opgenomen. Het zag er niet goed uit. Zijn laatste uren op deze aarde waren ingeluid. Wellicht ergens een lichte hoop, maar ik wist wel beter. De avond en vooral de nacht doet namelijk wat met je. De stilte in huis laat je nadenken over wie je bent, wat je bent en wat je wilt zijn. Je maakt in de avond beloftes die je de volgende gedag door de hectiek van de dag weer van je afschudt. Maar deze avond was anders.

Muhammad Ali, Cassius Clay, de man die ik nog nooit in het echt heb ontmoet, waarvan ik nog nooit een gevecht live op de tv heb meegemaakt. Alles wat ik van hem wist was door film, oude archiefbeelden en later YouTube kanalen. Op die beelden zag ik altijd die grote trotse man tussen tientallen soms honderdtal mensen, zwart, wit, journalisten, fans. Net zo bekend vanwege zijn punches in de boksring als punchlines daarbuiten. Op die beelden is hij altijd jong, strijdlustig en gevat. Elke stoot in de ring werd met dekking omlaag ontweken, iedere opmerking daarbuiten werd steevast gepareerd met een salvo aan onvergetelijke uitspraken. Niets en niemand bleef onbespaard. Sporters, en vooral boksers, worden over het algemeen nooit geacht een uitgesproken mening te hebben dan wat vermakelijke en opschepperige woorden naar een tegenstander. Maar Ali…Ali was beyond sport.

Ali was de belichaming van alles wat ik wilde en wil zijn: young gifted en black

Ali was de belichaming van alles wat ik wilde en wil zijn: young gifted en black. De eeuwige kwajongen die voor niets en niemand bang is. Niet voor mensen, niet voor (zijn eigen woorden) witte duivels, niet voor de overheid en andere beruchte tegenstanders van formaat. Ali was gezegend met een gave die zwarte mensen hoop gaf in een tijd dat ze werden uitgekotst door dezelfde maatschappij die hen na een overwinning van Ali voor even op een voetstuk plaatste, maar hem wel veroordeelde als hij principieel dienstplicht weigert. Op dat moment was iedereen, al was het maar voor even, ‘young gifted en…black’.

The Greatest Of All Time is niet meer. Ik realiseer dat er geen geschikter moment is bewust te zijn van mijn sterfelijkheid. Maar ik ben nog bewuster van mijn eigen kwaliteiten, mijn verborgen talenten die ik tot nu toe alleen voor mezelf hield, uitspraken die ik nooit durfde te doen. Dat was wat Ali zo uniek maakte; Als je ergens voor staat, ga ervoor! Als je een droom hebt, realiseer deze! Als iets op je hart ligt, zeg het! Het zal niet altijd makkelijk zijn. Je zult altijd klappen moeten opvangen om je doel te bereiken. Maar als dat de tol is die betaald zal moeten worden om jezelf te zijn en anderen te inspireren, is dat het waard. Want Ali vocht niet voor het geld, aanzien of voor zichzelf. Ali vocht voor de rechten van zwarten, the people,  jij en ik. Want het leven bestaat ook maar uit een ronde. Die ronde heeft hij fysiek verloren, maar in geest en inspiratie glansrijk gewonnen. Hands down.

“Impossible is just a big word thrown around by small men who find it easier to live in the world they’ve been given than to explore the power they have to change it. Impossible is not a fact. It’s an opinion. Impossible is not a declaration. It’s a dare. Impossible is potential. Impossible is temporary. Impossible is nothing.”        

Muhammad Ali 
1942-2016