Wilfred Kempernaar

Postuum Wilfred Kempenaar (1940-2021)

Kempenaar ‘tovenaar op gitaar’

Voor mij was Wilfred Kempenaar één van de grootste. Zo niet de allergrootse in z’n eigen genre -Juan Pablo Nahar-

Wilfred Kempenaar (5 juni 1940) behoorde samen met o.a. Pabo Nahar en Eddy Veldman tot de eerste groep Surinamers, die ooit op het Nort Sea Jazz festival in Nederland heeft meegedaan. ‘Kempie’, zoals hij door intimi liefkozend werd genoemd, leerde zichzelf ‘als autodidact’ de kneepjes van het vak en ontwikkelde zich tot een bekwame, smaakvolle gitarist, die voor veel beginnende Surinaamse Jazz musici een soort mentor was.

Contrabassist Juan Pablo Nahar:” Ik ontmoette ‘Kempie’ ergens omstreeks 1974, bij het jongerencentrum Kwaku. Hij was een stuk ouder en daarom automatisch een soort Guru voor ons. Hij ademde, at en dronk muziek. In een bepaalde periode kwam hij elke dag bij mij thuis en we studeerden samen flink wat uren onophoudelijk door. Zonder twijfel kan ik zeggen dat- voor mij- Wilfred Kempenaar één van de grootse zo niet de grootste ooit is geweest in z’n eigen genre”. Zo vertelt Nahar dat hij zich in het begin van z’n carrière, wekenlang op een stuk van Duke Ellington zat vast te bijten, en een specifiek akkoord niet kon horen’ Kempenaar kwam langs haalde z’n gitaar tevoorschijn en speelde het akkoord zo voor’. Het is bijzonder pijnlijk voor Nahar dat hij, zoals hij zegt, vanwege de Covid-19 pandemie “Niet op het vliegtuig kan stappen naar Nederland om deze grote Surinamer een laatste eer bewijzen”.

Gitarist Robby Alberga reageert als volgt op het nieuws: “heb het in ‘schock’ vandaag pas vernomen. ‘Kempie’ was een voorbeeld voor ons allemaal in de 70er en 80er jaren. Ik vond het zo mooi als hij de woorden uitsprak ‘ come down’. Dit zei hij als iemand te ingewikkeld deed of naast zijn schoenen ging lopen. Ik herinner me ook nog dat hij zei “je kan ook gitaar oefenen, zonder gitaar in je hand “Als jongeling heb ik deze woorden ter harte genomen. De laatste keer dat ik hem spontaan tegenkwam was op het Kwaku festival en niet heel lang daarna vernam ik dat hij in een verzorgingshuis opgenomen was vanwege een ‘stroke’.

Een van Kempenaar z’n grote voorbeelden was de Amerikaanse Jazz gitarist Wes Montgomery, die evenals de Surinaamse gitarist met z’n duim speelde. Volgens wijlen Jazzvocalist Robert Sordam, bracht Kempenaar een soort van romantiek in de Surinaamse muziek. Sordam ooit in een interview daarover: “Hij is nog romantischer dan zijn grote voorbeeld Wes Montgomery”

De enige officiële plaat waar Kempenaar op te horen is, is het in mei 1981 opgenomen album I didn’t ask van de Nederlandse Saxofonist Hans Dulfer en de Perikels.

Jazz recensent Frits Lagerwerff schreef in 1981 in een recensie over Kempenaar het volgende: “Het interessantst waren o.a. de soli van gitarist Wilfred Kempenaar, die over een fraaie, zingende toon en een relax gevoel voor contrast bleek te bezitten”.

Behalve een begenadigd gitarist was ‘Kempie’ gezegend met een bijzonder soort humor en was hij een taalvirtuoos. Zo heeft hij het Surinaamse muziekjargon met flink wat zelfbedachte termen verrijkt.

Vincent Henar, bassist en bandleider van Fra Fra Sound daarover: ‘Kempie’ is ongetwijfeld de uitvinder van de term Paramaribop - fusie tussen Surinaamse kaseko en de Amerikaanse Bebob jazz stroming -en ook Paramaribach- Westers klassieke benadering van Surinaamse muziek. Hij heeft het muzikanten jargon verrijkt met begrippen als: ' Mi è koppel tegen' -vette of zoute hap na alcohol gebruik, ' na wan, breuk' - onregelmatige maatsoorten, ' langa futu' -straight ahead jazz.

Deze lijst werd door Nahar aangevuld met:

‘Struikelblok’- een compositie die erg moeilijk is, ‘pepre siri’ -een pittige melodie, maar tegelijkertijd de benaming voor een pittige vrouw.

Wilfred Kempenaar is enkele jaren geleden door een herseninfarct getroffen en werd pas na vier dagen, in z’n huis in het Amsterdamse Haag en Veld aangetroffen. De tovenaar op de gitaar heeft daarna nog een aantal jaren in een revalidatie huis gewoond en zou op 5 juni 82 jaar oud worden.