Voormalige ‘Oost en West’ herdenken én vieren einde WOII en einde koloniale bezetting Oost- Indië

Door: Robin Austen

Het Anton de Kom plein is op doordeweekse dagen het decor van een levendige, diverse en kleurrijke markt. Op zondag 15 augustus echter niet. Met een bijna overslaande stem van trots vertelt presentatrice en medeorganisator Yvette Forster in haar introductiespeech dat het eindelijk is gelukt om de herdenking van het einde van de tweede wereldoorlog en tegelijkertijd het einde van de bezetting in Oost -Indië op deze plek te herdenken.

We herdenken niet om het herdenken

Buurtbewoner Gerrit, die al jaren in de Bijlmermeer woont en wellicht door het warme weer en het blikje bier in z'n hand een rode gloed in z'n gezicht krijgt slaat het tafereel met enige verbazing gade en vraagt zich hardop af ‘waarom er nou apart in ‘zijn’ Bijlmer een herdenking nodig is, terwijl de nationale herdenking ook live op televisie te zien is’.

De herdenking van de dag begint met een mooi verhaal van keynote spreker Glenn Helberg. De psychiater en gepassioneerde activist maakt meteen duidelijk dat, als Nederland als geheel de impact van dit stukje geschiedenis zou erkennen, doorwerken en verwerken, de huidige samenleving er waarschijnlijk anders voor zou staan. Volgens Helberg zou de Nederlandse samenleving dan veel beter op een diep, emotioneel niveau snappen wat Indische en Molukse Nederlanders voelen. ‘Wat we als Nederlandse samenleving over het algemeen goed kennen van dit deel van de geschiedenis, is het lekkere eten. De pijn die deze geschiedenis heeft veroorzaakt en het feit dat dit generaties doorwerkt is vaak onbekend. Mark Rutte heeft ooit in een tv-programma zijn voorliefde voor Indonesisch eten kenbaar gemaakt. Wat hij daarbij niet vertelde is dat Nederlands-Indië een onlosmakelijk onderdeel van z'n familiegeschiedenis is geweest, vanwege z'n ouders die er gewoond hebben en de eerste echtgenote van zijn vader die er in een jappenkamp overleed. Zoals Rutte zijn er vele Nederlanders die met Nederlands-Indië verbonden zijn. Wij herdenken niet om het herdenken, maar herdenken voor bewustwording’ aldus Helberg tot slot van z'n speech.

Dat zangeres Suzanne Mangar aanwezig is op het Anton de Kom plein, is een vanzelfsprekendheid. De Nederlands/Molukse zangeres begint met een hartverscheurend verhaal over haar vader die- op het moment dat hij op de boot gezet wordt – nog in de veronderstelling verkeert, dat hij ergens op de Molukken terechtkomt, maar na enkele uren op volle zee doorheeft dat hij op weg naar Nederland is. Het lied dat ze speciaal daarvoor heeft geschreven, hoeft niet vertaald te worden en zorgt bij menigeen voor verroering en emotie. De kale, potige en stoere agent met een Molukse achtergrond moet samen met z'n collega, eveneens van Molukse origine, de orde en veiligheid handhaven op die dag. Vanachter z'n zwarte zonnebril bungelen bijna onopgemerkt kleine tranen, wanneer Mangar het verhaal van haar vader bezingt. Tranen die het ultieme bewijs vormen van de pijn en het verdriet, dat nog generaties door blijft nagalmen. 

Noodzakelijke verbindingen

Historicus en erfgoed professional Wim Manuhutu heeft het vooral over de verbindingen tussen de voormalige Oost en West. Hij noemt in dat kader in één adem de opstand onder leiding van verzetsheld Tula op 17 augustus 1795 in Willemstad (Curaçao), terwijl op diezelfde datum in 1945 in Indonesië de onafhankelijkheidsverklaring door Soekarno werd voorgelezen. Hij noemt ook Anton de Kom die in juni in 1933 in Utrecht spreekt op een antifascistisch congres. Dat doet hij met een aantal andere sprekers waar onder andere Rustam Effendi, de Indonesische communistische en antikoloniale schrijver, politicus en dichter. De kom legt daar de verbinding tussen het fascisme en het kolonialisme. In die tijd was de Communistische partij de enige partij die zich onvoorwaardelijk uitsprak tegen het kolonialisme. Anton de Kom heeft uiteindelijk de hoogste prijs betaald voor die strijd in een Duits interneringskamp in 1945.  Manuhutu heeft het verder over de dilemma's van Molukse strijders, die gevochten hebben in het Indonesische leger en het soms moesten opnemen tegen Molukse militairen, die meevochten namens het Koninkrijk der Nederlanden. Hij pleit daarom voor een andere, genuanceerde kijk op deze geschiedenis, waarbij met name jongeren op scholen ook deze inzichten meekrijgen.

De herdenking werd afgesloten met een kranslegging, die plaatsvond bij het beeld van Anton de Kom en zo, op een krachtige, betekenisvolle manier de symboliek van de verbinding tussen Oost en West weergaf. 

 

De samenwerkende partijen hebben flink uitgepakt. Behalve de herdenking op het Anton de Kom plein was er ook een viering, waarbij de thema's vrijheid en zelfbeschikking centraal stonden.

Deze viering vond plaats in het Hugo Olijfhuis bij de Vereniging Ons Suriname in Amsterdam-Oost en begon met een gezamenlijke vrijheidsmaaltijd. Samen eten om de vrijheid te vieren en om de onderlinge verbondenheid tussen de voormalige Oost en West nog meer diepgang te geven. De viering vindt, in tegenstelling tot de herdenking, al 10 jaar plaats in Amsterdam. Ook hierbij is er nu gekozen voor een plek, die een sterke connectie heeft met voormalig rijksgebied Suriname.

Één van de sprekers tijdens de viering was Reggie Baay. Baay is schrijver, onafhankelijk onderzoeker en gespecialiseerd in de koloniale en postkoloniale geschiedenis van het vroegere Nederlands-Indië, het huidige Indonesië. Zijn werk gaat vooral over het verborgen Nederlandse koloniale verleden en de impact daarvan.

De schrijver schetst in zijn uiteenzetting, vaak met humor en soms met sprekende voorbeelden het eenzijdig perspectief op vrijheid, vanuit de voormalig kolonisator. Een oudere Surinaamse vrouw in de zaal knikt instemmend en balt haar vuisten wanneer Baay de meer dan 1 miljoen tot slaaf gemaakten in de Oost aanhaalt. Schuin tegenover haar zit een jongere Indische vrouw, een twintiger. Wanneer de verteller enkele gruwelijkheden opsomt, houdt ze het niet meer en gaat ze op de grond zitten, zoekend naar de troostende hand van haar moeder naast haar op de stoel.

Behalve sprekers, zijn er tijdens de herdenking ook paneldiscussies. Vincent Soekra, directeur van Ons Suriname en producent van de herdenking is het er met de panelleden Charisa Leiwakabessy  en Surya Nahumory unaniem over eens dat een nuancering van de geschiedenis belangrijk is en dat de rode draad van de verhalen vaak niet objectief is, omdat er belangen aanwezig zijn om het ‘gekleurd’ te blijven presenteren. ‘Het gaat om historische feiten die er niet zijn om mensen te pleasen en evenmin om mensen te kwetsen. Educatie zou anders moeten, waarbij het eenzijdige en oppervlakkige beeld dat wordt geschetst van de Nederlandse koloniale periode zowel in de Oost als de West de prullenbak in moet’.

 Aan het einde van de mooie avond, staat de oudere Indonesisch ogende man met zijn batiek hemd bij het achterbalkon. Hij inhaleert diep en de lucht van de zomerse avond vult zich met de zoete geur van een Kretek sigaret. ‘Verbinden en niet meer trappen in de subtiele valstrikken van verdeel en heers’, prevelt hij nog, voordat hij z'n sigaret uitdrukt en verdwijnt. Het is jammer dat Gerrit, de buurtbewoner die eerder wel bij de herdenking in de Bijlmer aanwezig was, nu niet van de partij was. Hij zou er dan waarschijnlijk ook geweest zijn en ongetwijfeld alle antwoorden op z'n vraag hebben gevonden.