{"id":107503,"date":"2024-11-24T23:04:26","date_gmt":"2024-11-24T23:04:26","guid":{"rendered":"https:\/\/wpstaging.afromagazine.eu\/kan-suriname-leren-uit-de-fouten-van-het-verleden\/"},"modified":"2024-11-24T23:04:26","modified_gmt":"2024-11-24T23:04:26","slug":"kan-suriname-leren-uit-de-fouten-van-het-verleden","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/kan-suriname-leren-uit-de-fouten-van-het-verleden\/","title":{"rendered":"Kan Suriname leren uit de fouten van het verleden?"},"content":{"rendered":"<div id=\"afrom-742687092\" class=\"afrom-voor-inhoud-singlepost afrom-entity-placement\"><a href=\"https:\/\/ghanatours.nl\/keti-koti-pelgrimstocht\/\" aria-label=\"AFRO-BANNER-728X90\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2026\/03\/AFRO-BANNER-728X90.webp\" alt=\"\"  srcset=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2026\/03\/AFRO-BANNER-728X90.webp 728w, https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2026\/03\/AFRO-BANNER-728X90-300x37.webp 300w\" sizes=\"(max-width: 728px) 100vw, 728px\" class=\"no-lazyload\" width=\"728\" height=\"90\"  style=\"display: inline-block;\" \/><\/a><\/div><h2><strong>Nederland investeerde al miljoenen in de ontwikkeling van Suriname, maar daar is in de voormalige kolonie nauwelijks nog wat van terug te zien. 49 jaar na de onafhankelijkheid krijgt Suriname opnieuw een kans. De ontwikkeling van een groot offshore-olieveld zal miljarden Amerikaanse dollars in het laadje brengen. Lukt het Suriname om te leren uit de fouten van het verleden? \u00a0<\/strong><\/h2>\n<p>Op de voormalige suikerplantage Mari\u00ebnburg in Suriname groeien twee bomen in de fabriek. Hun groene kruin steekt uit de ramen van het gebouw. Van de slijterij en de oude fabriekshallen staan alleen nog de muren overeind. De houten woningen van de voormalige directeur en zijn staf zijn scheef getrokken door tijd en ongedierte.\u00a0<\/p>\n<p>\u201cMari\u00ebnburg was de economische kerk van het district Commewijne\u201d, verzucht de bijna negentig jarige Toekijan Soekardi, een inwoner van Mari\u00ebnburg die veertig jaar lang op de plantage heeft gewerkt. Dat deed hij voor drie Surinaamse gulden per dag. Eerst werkte Soekardi onder leiding van De Nederlandse Handelsmaatschappij, de rechtsvoorganger van ABN AMRO, later onder leiding van de Rubber Cultuur Maatschappij Amsterdam, tot de jaren vijftig een van de grootste plantagebedrijven in Europa.<\/p>\n<p><strong>Vergane glorie<\/strong><\/p>\n<p>Rond de Surinaamse onafhankelijkheid in 1975 werd Mari\u00ebnburg eigendom van de staat. Elf jaar later ging ze failliet. Alles wat nog van waarde was, inclusief oud ijzer, werd gestolen en verkocht. Soekardi zag de verloedering met lede ogen aan. \u201cNa de onafhankelijkheid is Mari\u00ebnburg achteruitgegaan\u201d, zegt hij. \u201cDe mentaliteit en discipline was weg.\u201d<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-center\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-hidden has-single\">\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/Vergane20glorie20op20de20voormalige20suikerplantage20Marienburg.20Foto20Zoe20Deceuninck.jpeg\" width=\"870\" height=\"653\" alt=\"Vergane glorie op de voormalige suikerplantage Mari\u00ebnburg. Foto Zo\u00eb Deceuninck\" class=\"image-style-mediagroot\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>Vergane glorie op de voormalige suikerplantage Mari\u00ebnburg. Foto Zo\u00eb Deceuninck<\/figcaption><\/figure>\n<p>Soekardi is de enige inwoner van Mari\u00ebnburg die nog dagelijks tussen de ru\u00efnes van de plantage loopt. Hij verdient er een zakcentje als gids voor toeristen. \u201cDat lukt niet elke dag, maar toch bijna\u201d, zegt hij.<\/p>\n<p>In zijn vrije tijd schrijft hij gedichten. Die gaan allemaal over de glorietijd en neergang van Mari\u00ebnburg. Zonder aankondiging begint Soekardi voor te lezen: \u201c<em>\u2026 Opzichters zitten als een aap. Wat een mooie gaap. Het gevolg van weinig slaap. Dit moet tot het verleden gaan behoren. Anders gaat het bedrijf verloren.\u201d <\/em>Hij zucht en kijkt om zich heen. \u201cEn dat is precies wat er is gebeurd. Mari\u00ebnburg is vergane glorie.\u201d<\/p>\n<p><strong>\u2018Company towns\u2019<\/strong><\/p>\n<p>Suriname kent veel \u2018company towns\u2019 zoals Mari\u00ebnburg; kleine nederzettingen waar de inwoners in dienst zijn van \u00e9\u00e9n bedrijf of organisatie. Wanneer dat bedrijf haar deuren sluit of vertrekt, worden de arbeiders en hun families aan hun lot overgelaten en de infrastructuur verwaarloosd.<\/p>\n<p>\u201cCompany towns leven van een economische activiteit die gebaat is bij veel arbeiders met een laag opleidingsniveau\u201d, vertelt Amrish \u2018Danny\u2019 Lachman, directeur van Planbureau Suriname. \u201cEr is slechts een kleine top van hoogopgeleide mensen, vaak buitenlanders. Surinamers die onderaan de ladder werkten hadden weinig kans om door te stromen naar boven en bleven op een bepaald niveau steken.\u201d<\/p>\n<p>Wanneer de economische activiteit ophoudt te bestaan en het bedrijf het land verlaat, blijven de arbeiders verdwaasd achter. \u201cZe zijn proces technisch geweldig in bijvoorbeeld mijnen of suikerriet verwerken, maar kunnen ook niets anders dan dat. Dan worden ze wachter bij een houtbedrijf of ze gaan in een houtzagerij werken\u201d, zegt Lachman.<\/p>\n<p>Hetzelfde gebeurde onder meer in de Surinaamse dorpen Wageningen (rijstproductie), Domburg (landbouw), Phedra (oliepalm-industrie), Moengo en Onverdacht (bauxiet), en in het ressort Patamacca, waar de Nederlandse houtmaatschappij Bruynzeel tot 1985 een grootschalige houtplantage runde. De voormalige \u2018company towns\u2019 werden stuk voor stuk een \u2018ghost town\u2019.<\/p>\n<p>Van de grote winsten die deze bedrijven in Suriname maakten is hier niets meer terug te zien. De buitenlandse bedrijven gingen met hun kennis en winst terug naar huis, en keken daarbij niet meer achterom. Omdat er nauwelijks was ge\u00efnvesteerd in de (management)capaciteit van de Surinaamse arbeiders, was een succesvolle doorstart na hun vertrek van begin af aan een verloren zaak.<\/p>\n<p><strong>Verdragsmiddelen<\/strong><\/p>\n<p>De Nederlandse staat, die ruim driehonderd jaar het bewind over Suriname had gevoerd, keek wel achterom. Bij de onafhankelijkheid van Suriname gaf Nederland de voormalige kolonie een zak geld mee ter waarde van 3,5 miljard Nederlandse gulden. Dat geld, de zogenaamde Verdragsmiddelen, was bedoeld om Suriname verder tot ontwikkeling te brengen. Om er zeker van te zijn dat het geld goed besteed zou worden, werd een gezamenlijke commissie van Surinaamse en Nederlandse deskundigen opgericht. Gezamenlijk moesten zij een integraal ontwikkelingsplan voor Suriname voorbereiden.<\/p>\n<p>In het rapport van de commissie werden natuurlijke hulpbronnen als de drager van de nationale economie gepresenteerd. Dit gebeurde naar aanleiding van het mijnen en verwerken van bauxiet, een grondstof van aluminium, in oost-Suriname. Bij de onafhankelijkheid in 1975 was de sector goed voor ruim een derde van de staatsinkomsten.\u00a0In het ontwikkelingsplan bleef bauxiet dan ook het belangrijkste mijnbouwproduct voor de toekomst. De Surinaamse industrie, met name de verwerking tot halffabrikaten en eindproducten, moest daarop afgestemd worden.<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-center\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-hidden has-single\">\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/Vergane20glorie20in20Moengo2C20oost-Suriname2C20ooit20het20epicentrum20van20de20Surinaamse20bauxietindustrie.jpg\" width=\"870\" height=\"580\" alt=\"Vergane glorie in Moengo, oost-Suriname, ooit het epicentrum van de Surinaamse bauxietindustrie. Foto Zo\u00eb Deceuninck\" class=\"image-style-mediagroot\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>Vergane glorie in Moengo, oost-Suriname, ooit het epicentrum van de Surinaamse bauxietindustrie. Foto Zo\u00eb Deceuninck<\/figcaption><\/figure>\n<p>Suriname ging er meteen mee aan de slag. In de eerste jaren na de onafhankelijkheid ging veertig procent van de uitgaven van de Verdragsmiddelen naar een nieuw bauxietproject in west-Suriname. Hiermee zou de bauxietproductie worden voortgezet wanneer de reserves in het oosten uitgeput geraakte.<\/p>\n<p>Maar het liep anders. Van de 3,5 miljard Nederlandse gulden, waarvan een deel nog steeds niet is uitbetaald, die Nederland in Suriname investeerde is nauwelijks iets terug te zien. Onderzoekers Dirk Kruijt en Marion Maks stellen in hun analyse <a href=\"https:\/\/www.researchgate.net\/publication\/46621602_Een_Belaste_Relatie_25_Jaar_Ontwikkelingssamenwerking_Nederland_-_Suriname_1975-2000\">over 25 jaar ontwikkelingssamenwerking<\/a> vast dat de uitgave van de Verdragsmiddelen alleen succesvol was in tastbare zaken, zoals de herstelling van dijken, kanalen, sluizen, wegen en een haven. Alle grote projecten, met name landbouwprojecten en het bauxietproject in west-Suriname, <a href=\"https:\/\/surilines.nl\/financien\/05-verdragsmiddelen.html\">mislukten<\/a>.<\/p>\n<p>Heel verrassend was dat ook niet, stellen de onderzoekers vast. De uitgave van de Verdragsmiddelen was immers niet gebaseerd op een overkoepelende, duidelijke ontwikkelingsvisie. Suriname viel daarmee ten prooi aan de befaamde &#8216;hulpbronnenvloek&#8217;. De overvloed aan overheidsinkomsten leidde, zonder bestuurlijke ervaring en regels hoe het geld te besteden, tot corruptie en stagnatie. Ook de samenwerking tussen Nederland en Suriname, die gezamenlijk beslisten over de uitgaven, liep regelmatig stroef.<\/p>\n<p><strong>Begeerten en belangen<\/strong><\/p>\n<p>Het ontwikkelingssamenwerkingsverdrag uit 1975 \u2013 dat onder meer de uitkering van de Verdragsmiddelen in goede banen moest leiden \u2013 vormt al heel lang de kern van de relatie Suriname-Nederland, maar is ook de oorzaak van allerlei disputen en conflicten. Dat stelt Marten Schalkwijk, hoogleraar Sociale Verandering en Ontwikkeling. Schalkwijk bestudeert de relatie Suriname-Nederland al meer dan veertig jaar.<\/p>\n<p>\u2018De betrekkingen tussen Nederland en Suriname werden meestal ingegeven door begeerten en belangen, soms door allerlei andere zaken\u2019, zei Schalkwijk in 2002 over de bilaterale relatie tijdens een lezing op het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie. \u2018Het waren interacties tussen ongelijke partners, welke zich kenmerkten door een uitbuitingsverhouding, een verhouding tussen gever en bedelaar, producent en afnemer.\u2019<\/p>\n<p>Het wel of niet uitkeren van de Verdragsmiddelen werd al vrij snel \u2018een beleidsinstrument van Nederland om zaken in Suriname politiek te be\u00efnvloeden\u2019, stelt Schalkwijk vast. In zijn boek \u2018Suriname, het steentje in de Nederlandse schoen\u2019 presenteert hij een duidelijke relatie tussen de interne Surinaamse politiek en de uitkering van de Nederlandse verdragsmiddelen.<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-center\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-visually_hidden has-single\">\n<h3 class=\"field__label visually-hidden\">Afbeelding<\/h3>\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/Verdragsmiddelen20Suriname-Nederland.jpg\" width=\"552\" height=\"339\" alt=\"Verdragsmiddelen Suriname-Nederland. Bron: Marten Schalkwijk\" class=\"image-style-mediamedium\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>Bron: Marten Schalkwijk<\/figcaption><\/figure>\n<p>Wanneer Nederland het niet eens was met de politieke ontwikkelingen in Suriname, ging er opvallend minder geld de oceaan over. De uitkering van de Verdragsmiddelen werd ook tot drie keer toe helemaal opgeschort, twee keer door Nederland en \u00e9\u00e9n keer door Suriname. Dat leidde tot kapitaalvernietiging en verlies van human resources in de lopende projecten, stelt Schalkwijk. \u2018De machthebbers hebben het niet aan den lijve gevoeld, maar de armoedegrenzen werden er wel door verlegd.\u2019<\/p>\n<p><strong>Historisch verantwoordelijk<\/strong><\/p>\n<p>Wanneer Rosemary Samadhan, penningmeester van de Nederlandse Stichting Eerherstel Mari\u00ebnburg, in januari 2024 <a href=\"https:\/\/surilines.nl\/financien\/02-rosemary-samadhan.html\">een bezoek brengt<\/a> aan de voormalige suikerplantage loopt ze met grote ogen tussen de ru\u00efnes. Samadhan woont in Nederland maar is geboren en getogen in Mari\u00ebnburg. Jaarlijks komt ze terug naar haar geboortedorp, waar een deel van haar familie nog woont. Haar vader, een Hindoestaanse contractarbeider, werkte hier vroeger in de fabriek. Op latere leeftijd werd hij de chauffeur van de directeur.<\/p>\n<p>Mari\u00ebnburg is nu niet meer dan een verzameling oude arbeidswoningen, waarvan sommige zijn gerenoveerd. Op de hoofdweg zijn enkele winkels, maar veel meer valt er niet te beleven. \u201cHet is verdrietig om te zien hoe de mensen hier moeten wonen\u201d, zegt Samadhan.<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-left\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-hidden has-single\">\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"\/sites\/default\/files\/styles\/mediagroot\/public\/2024-04\/Rosemary%20Samadhan.%20Foto%20Zo%C3%AB%20Deceuninck.JPG\" width=\"870\" height=\"488\" alt=\"Rosemary Samadhan. Foto Zo\u00eb Deceuninck\" class=\"image-style-mediagroot\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>Rosemary Samadhan. Foto\u00a0Zo\u00eb Deceuninck<\/figcaption><\/figure>\n<p>Stichting Eerherstel Mari\u00ebnburg werft sinds vorig jaar fondsen om het terrein van Mari\u00ebnburg te renoveren, met als doel het \u2018industrieel en cultureel erfgoed een toeristische bestemming te geven\u2019. Op die manier wil de stichting ook de werkgelegenheid voor de ruim tienduizend inwoners van het ressort Meerzorg, waar Mari\u00ebnburg toe behoort, bevorderen.<\/p>\n<p>Voor de renovatie van de fabriek, de woningen en de fabriekshallen doet de stichting een beroep op ABN AMRO, die ze \u2018historisch verantwoordelijk\u2019 houdt voor de vervallen staat waarin het complex zich bevindt.\u00a0ABN AMRO heeft ruim 70 jaar flinke winsten geboekt op Mari\u00ebnburg, dat lange tijd de grootste suikerplantage van Suriname was. Dat blijkt uit onderzoek dat de bank in 2021 liet uitvoeren naar betrokkenheid van haar rechtsvoorgangers bij slavernij in de achttiende en negentiende eeuw.<\/p>\n<p><strong>Toenemende aandacht<\/strong><\/p>\n<p>In Nederland is er toenemende aandacht voor het koloniaal verleden. Naast <a href=\"https:\/\/iisg.amsterdam\/nl\/blog\/iisg-onderzoek-toont-grootschalige-betrokkenheid-slavernij-voorlopers-abn-amro\">ABN AMRO<\/a> hebben onder meer <a href=\"https:\/\/www.dnb.nl\/over-ons\/slavernijverleden-dnb\/onderzoek-slavernijverleden-dnb\/\">De Nederlandsche Bank<\/a>, <a href=\"https:\/\/www.banken.nl\/nieuws\/22452\/insingergilissen-gaat-eigen-slavernijverleden-onderzoeken\">InsingerGilissen<\/a>, <a href=\"https:\/\/www.volkskrant.nl\/economie\/ing-schakelt-promovendus-in-om-slavernijverleden-te-onderzoeken~b1194da6\/\">ING Bank<\/a>, <a href=\"https:\/\/www.nn.nl\/nieuws\/onderzoek-naar-de-rechtsvoorgangers-van-nn-group\/\">NN Group<\/a>, Nederlandse universiteiten, steden, de Protestantse kerken en <a href=\"https:\/\/nos.nl\/artikel\/2455350-koning-laat-onderzoek-doen-naar-rol-oranjes-in-koloniaal-verleden\">het Koningshuis<\/a> onderzoek gedaan of laten doen naar hun historische betrokkenheid in het slavernijverleden en kolonialisme. Sommige van hen, waaronder de Nederlandse Koning en regering, boden daarvoor al hun excuses aan.<\/p>\n<p>Het gerenommeerde Amerikaanse consultancybureau Brattle\u00a0<a href=\"https:\/\/www.brattle.com\/wp-content\/uploads\/2023\/07\/Quantification-of-Reparations-for-Transatlantic-Chattel-Slavery.pdf\">becijferde vorig jaar<\/a>\u00a0dat Nederland in totaal 2,5 biljoen Amerikaanse dollar verschuldigd is aan Suriname vanwege de koloniale- en slavernijgeschiedenis. Maar geld op tafel leggen vindt Nederland (vooralsnog) een brug te ver.<\/p>\n<p>Eind 2022 stelde Nederland wel een fonds van 200 miljoen euro beschikbaar, maar van herstelbetalingen is geen sprake. Het geld is bedoeld voor projecten die het bewustzijn van de erfenissen van slavernij vergroten, waaronder de bouw van een Nationaal Slavernijmuseum in Amsterdam. Dit <a href=\"https:\/\/dwtonline.com\/bouw-een-slavernijmuseum-in-suriname\/\">tot ergernis van<\/a> Suriname, dat vooralsnog haar eigen boontjes moet doppen.<\/p>\n<p><strong>Nieuwe kans<\/strong><\/p>\n<p>49 jaar na de onafhankelijkheid krijgt Suriname opnieuw een kans om het tij te keren. Op 1 oktober 2024 maakten de oliemaatschappijen TotalEnergies en APA Corporation bekend dat zij 10,5 miljard Amerikaanse dollar gaan investeren in de ontwikkeling van een olieveld voor de kust van Suriname. Ook andere internationale oliemaatschappijen zoeken hier naar olie.<\/p>\n<p>Alleen al aan het project van TotalEnergies en APA Corporation kan Suriname de komende jaren \u2013 afhankelijk van de olieprijs \u2013 tussen de 16 miljard en 26 miljard dollar verdienen.\u00a0Die cijfers doen de harten van veel Surinamers sneller kloppen.<\/p>\n<p>De toekomstige olie-inkomsten worden nu al door verschillende politici als \u2018zaligmakend\u2019 voorgesteld. Maar het hebben van natuurlijke hulpbronnen is nog niet hetzelfde als er profijt uit halen, zo leert de geschiedenis.<\/p>\n<p>Planbureau-directeur Lachman waarschuwt dat Suriname opnieuw ten prooi kan vallen aan de grondstoffenvloek, waarbij een overvloed aan natuurlijke hulpbronnen tot corruptie en stagnatie of zelfs economische krimp leidt. \u201cAls de overheid straks overspoeld wordt met geld uit de olie- en gasindustrie, zal er precies hetzelfde gebeuren als met de bauxietinkomsten\u201d, waarschuwt Lachman. Maar het alternatief \u2013 de olie in de grond laten zitten \u2013 is geen optie voor de regering.<\/p>\n<p><strong>Evident <\/strong><\/p>\n<p>\u201cDe keuze voor de ontwikkeling van natuurlijke hulpbronnen is evident\u201d, legt Lachman uit. Als het minst bevolkte land in Zuid-Amerika, met een kleine afzetmarkt en nauwelijks lokale concurrentie, moet Suriname het doen met wat het heeft. Dat is ook altijd de boodschap van Nederland geweest. Ook ontwikkelingsbanken hameren steevast op het belang van grondstoffen voor de ontwikkeling van Suriname.<\/p>\n<p>\u201cDe focus op <em>extractives<\/em> hebben we ge\u00ebrfd van Nederland\u201d, stelt Lachman. \u201cJarenlang is door onze strot gedrukt dat we moeten focussen op mijnbouw en landbouw.\u201d Maar die industrie\u00ebn hebben juist te maken met onstabiele inkomsten en afnemende opbrengsten, vertelt Lachman. \u201cHoe langer de industrie bestaat, hoe minder ze oplevert.\u201d<\/p>\n<p>Wanneer de internationale prijzen van grondstoffen dalen, krijgen de overheidsfinanci\u00ebn daar direct onder te lijden en ontstaan er tekorten. Nu al is Suriname voor een derde van haar overheidsinkomsten afhankelijk van Staatsolie, het nationaal oliebedrijf van Suriname. En dat (economisch) belang zal met de recente ontwikkelingen voor de kust alleen maar groter worden.<\/p>\n<p><strong>Niet klaar voor<\/strong><\/p>\n<p>De oliedollars die Suriname straks zal ontvangen moeten daarom &#8216;direct&#8217; ge\u00efnvesteerd worden in industrie\u00ebn die niets met olie en gas te maken hebben, vindt Patrick Brunings, Offshore Exploratie Asset Manager bij Staatsolie. \u201cWe moeten voorkomen dat er een totale afhankelijkheid komt op de olie-industrie\u201d, waarschuwt hij. De levensduur van het eerste olieproject dat TotalEnergies en APA Corporation in Suriname zal ontwikkelen is &#8216;slechts&#8217; 15 tot 20 jaar.<\/p>\n<p>\u201cSuriname moet nu al een plan hebben waar ze met het geld naartoe wil\u201d, zegt Brunings op persoonlijke titel. \u201cIn welke sectoren gaan we investeren? Als we dat niet eerst vastleggen, gaat het geld gebruikt worden voor allerlei petprojecten zonder gemeenschappelijk doel. Dan zullen we op het eind van de rit niets hebben overgehouden aan al de olie-inkomsten\u201d, zegt Brunings, die er niet gerust op is.<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-right\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-visually_hidden has-single\">\n<h3 class=\"field__label visually-hidden\">Afbeelding<\/h3>\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/Patrick20Brunings20achter20zijn20bureau.20Foto20Corporate20Communication20Staatsolie.jpeg\" width=\"580\" height=\"435\" alt=\"Patrick Brunings achter zijn bureau. Foto: \u00a9 Corporate Communication Staatsolie\" class=\"image-style-mediamedium\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>Patrick Brunings<\/figcaption><\/figure>\n<p>In het kader van de offshore olie- en gasindustrie deed de Surinaamse NGO Projekta in 2023 onderzoek naar de hiaten in de Surinaamse wetgeving en in de capaciteitsprogramma\u2019s van de overheid. Want de olie mag er dan aankomen, Suriname is er nog niet klaar voor.<\/p>\n<p>Op zowel het beheer van natuurlijke hulpbronnen, milieu, klimaatverandering, grondenrechten, inspraakmechanismen en gezondheid en veiligheid bij olie- en gasexploratie stelt Projekta een algeheel capaciteitsgebrek bij de overheid vast. Daarnaast is er op alle vlakken een gebrek aan visie, strategie en planning, transparantie en verplichting tot openbare rapporten en statistieken. Ook in de wetgeving is er nog veel werk aan de winkel.<\/p>\n<p>\u201cDe regering heeft nauwelijks ruimte om het hoofd boven water te houden, dus ik begrijp dat het lange termijn plaatje niet hoog op de agenda staat. Maar het moet wel gebeuren\u201d, zegt Brunings.<\/p>\n<p><strong>Goed nieuws<\/strong><\/p>\n<p>Er is ook goed nieuws. Volgens hoogleraar Schalkwijk leert de ervaring uit het verleden dat visies in Suriname veelal ontstaan zijn bij goedgeschoolde personen, die hun werk baseren op data uit systematisch onderzoek. Op die manier kwam ook de oprichting van Staatsolie in 1980 tot stand, vandaag bij uitstek het belangrijkste bedrijf van Suriname. \u2018Het is belangrijk om deskundigen te hebben, om dus te investeren in onderwijs en kader, en hen ruimte te geven voor het doen van onderzoek\u2019, zegt Schalkwijk daarover.<\/p>\n<p>Want als er een iets is wat de geschiedenis van Suriname heeft geleerd, is het wel dat geld alleen niet volstaat. \u00a0\u00a0<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-center\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-hidden has-single\">\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/Voor20het20hoofdkantoor20van20Staatsolie.jpg\" width=\"870\" height=\"474\" alt=\"Voor het hoofdkantoor van Staatsolie. Foto: \u00a9 Zo\u00eb Deceuninck\" class=\"image-style-mediagroot\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>Voor het hoofdkantoor van Staatsolie in Suriname. Foto\u00a0Zo\u00eb Deceuninck<\/figcaption><\/figure>\n<p>Op 21 november 2024 heeft de Surinaamse president Chandrikapersad Santokhi daarom een \u2018Strategische Groep voor Olie- en Gasbeleid\u2019 in het leven geroepen. De groep bestaat uit 30 personen en komt uit \u2018alle geledingen van de samenleving\u2019, aldus de Communicatie Dienst Suriname (CDS) in een persbericht.<\/p>\n<p>Het is de taak van de groep om een goed beleidskader te maken zodat voorkomen wordt dat de oliedollars verspild worden, slechts een kleine elite ten goede komt of naar het buitenland verdwijnt. \u2018Het eindproduct moet het liefst gedragen worden door een brede laag van de bevolking\u2019, aldus de CDS. Voorzitter van de Strategische Groep is hoogleraar Schalkwijk.<\/p>\n<p><strong>\u2018Nee\u2019 is ook een antwoord<\/strong><\/p>\n<p>In hoever de inwoners van Mari\u00ebnburg ook zullen profiteren van de toekomstige oliemiljarden, is nog maar de vraag. Verschillende pogingen om de voormalige company town nieuw leven in te blazen draaiden op niets uit. Ook de Nederlandse stichting Eerherstel Mari\u00ebnburg loopt tegen heel wat muren aan. Ze heeft haar oog laten vallen op de renovatie van de voormalige directeurswoning, die momenteel in deplorabele staat verkeert. Maar de communicatie met de Surinaamse overheid verloopt uiterst moeizaam.<\/p>\n<p>\u201cEr is veel onzekerheid over het eigendom van de panden op Mari\u00ebnburg en wie ze nu toebehoren\u201d, zegt Samadhan. De overheid heeft daarover nog geen informatie verschaft.\u00a0 \u201cHet is zeer demotiverend\u201d, zegt Samadhan. \u201cWe steken er allemaal zoveel tijd in en we krijgen niks terug. Een \u2018nee\u2019 is ook een antwoord, maar ook dat zelfs krijgen we niet\u201d, zucht ze.<\/p>\n<p>Met ABN AMRO, waar de stichting het geld wil halen om Mari\u00ebnburg op te knappen, is er al maanden geen contact. Dat is bewust, stelt Samadhan. \u201cLos van het feit dat ze zich niet verantwoordelijk voelen en niet veel willen helpen, kunnen wij ze ook niet vragen om geld te geven zolang de Surinaamse overheid ons geen ondersteuning geeft\u201d, zegt Samadhan. \u201cNederland gaat niet investeren in een bodemloze put.\u201d<\/p>\n<p><strong>Hoop<\/strong><\/p>\n<p>Inmiddels heeft president Santokhi een vertegenwoordiger van de Surinaamse regering beschikbaar gesteld die de vragen en zaken voor de stichting moet uitzoeken. De ontwikkeling geeft Samadhan nieuwe hoop.<\/p>\n<figure role=\"group\" class=\"caption caption-drupal-media align-center\">\n<article>\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-hidden has-single\">\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/De20oude20directeurswoning20op20Marienburg.jpeg\" width=\"870\" height=\"653\" alt=\"De oude directeurswoning op Mari\u00ebnburg. Foto Zo\u00eb Deceuninck\" class=\"image-style-mediagroot\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article><figcaption>De oude directeurswoning op Mari\u00ebnburg. Foto Zo\u00eb Deceuninck<\/figcaption><\/figure>\n<p>\u201cMari\u00ebnburg is een bloeiende plantage geweest. We moeten onze geschiedenis, hoe slecht die ook is geweest, koesteren. We moeten er lering uit trekken en we moeten er mooie dingen uit halen\u201d, zegt Samadhan. \u201cDat wij in Nederland ons daarvoor lenen is logisch. Het gaat ons goed hier, en we willen dat het daar ook goed gaat. De mensen op Mari\u00ebnburg hebben al zoveel teleurstellingen moeten verwerken.\u201d<\/p>\n<p>Gids Soekadri kan dat alleen maar beamen. Hij wijst naar een wit gebouw in het midden van het terrein op Mari\u00ebnburg \u2013 een schenking van de ambassade van Indonesi\u00eb aan de Surinaamse overheid. \u201cVorig jaar in december is het officieel geopend\u201d, zegt hij. Het gebouw moet dienstdoen als een \u2018Culinary, Craft &amp; Art Center\u2019. De bedoeling is dat het Surinaamse Ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur hier activiteiten organiseert voor de kinderen en jongeren van Mari\u00ebnburg.<\/p>\n<p>\u201cHet afgelopen jaar is er nog maar \u00e9\u00e9n activiteit georganiseerd\u201d, vertelt Soekardi. Het ging om een culturele avond met zang en dans, georganiseerd door de Indonesische ambassade in Suriname. De activiteit werd \u2018redelijk goed\u2019 bezocht, volgens Soekardi. \u201cMaar het kan altijd beter.\u201d Voor hij verder kan vertellen, lopen drie Nederlandse toeristen het terrein van Mari\u00ebnburg op. Soekardi springt op. \u201cBezoek!\u201d, roept hij uitgelaten. Met zijn gedichtenbundel in zijn hand loopt hij ze tegemoet.<\/p>\n<table>\n<tbody>\n<tr>\n<td>\n<p><strong>Diasporakapitaal<\/strong><\/p>\n<p>Bij haar aantreden in 2020 wilde de regering van Santokhi de <em>goodwill<\/em> van de Surinaamse diaspora in \u2013 met name \u2013 Nederland kapitaliseren. Er werd een Diaspora Instituut in Nederland en Suriname ge\u00efnstalleerd om de vele initiatieven en projecten uit de diasporagemeenschap te begeleiden. Ook zou er een diasporabank en een diasporafonds worden opgericht om het zakendoen te vergemakkelijken.<br \/>\n\t\u201cDat is inmiddels, en terecht, op een low profile gezet\u201d, zegt Robby Makka, Voorzitter van de stichting Diasporafonds- en Kapitaal. Als consultatiepartner van de presidenti\u00eble commissie heeft hij meegeschreven aan een stappenplan om dit te verwezenlijken. Inmiddels is er ook een conceptwet die het diasporakapitaal moet formaliseren, maar die is nog niet gepresenteerd aan de regering. \u201cDe voorwaarden voor het oprichten van een Diasporafonds konden niet worden gerealiseerd\u201d, geeft Makka als verklaring. \u201cHet heeft te maken met prioriteit, maar ook met capaciteit,\u00a0 bezetting en analysevermogen. De aandacht van de Surinaamse regering lag de afgelopen jaren bij het Internationaal Monetair Fonds en nationale vraagstukken.\u201d In de laatste jaarrede van Santokhi over het beleidsjaar 2025 werd het diasporafonds ook niet meer vermeld.<br \/>\n\tWel hebben particulieren steeds meer het heft in eigen handen genomen, ziet Makka. Waar investeringen vroeger vooral via de Nederlandse ambassade in Suriname liepen, zetten Surinaamse Nederlanders steeds meer eigen diasporaorganisaties en initiatieven op in een poging hun doelen alsnog te bereiken. \u201cDe vraag vanuit Nederland is er\u201d, stelt hij vast. Volgens Makka zijn er inmiddels meer dan twintig diaspora-organisaties in Nederland actief. \u201cEr is met name veel interesse in de olie- en gasindustrie, de geldovermakingen en alles wat te maken heeft met olieobligaties. Het bankwezen in Suriname zal daar vroeg of laat op moeten inspelen\u201d, besluit hij.<\/p>\n<\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table>\n<p><em>Dit artikel is onderdeel van de serie \u2018Surilines\u2019, een onderzoek naar de banden tussen Suriname en Nederland in de aanloop naar vijftig jaar onafhankelijkheid. Bezoek de website\u00a0<a href=\"http:\/\/www.surilines.nl\/\">www.surilines.nl<\/a>\u00a0voor meer informatie. Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.<\/em><\/p>\n<article class=\"align-left\">\n<div class=\"field field-media--field-media-image field-formatter-image field-name-field-media-image field-type-image field-label-hidden has-single\">\n<figure class=\"field-type-image__figure image-count-1\">\n<div class=\"field-type-image__item\">\n        <img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/afromagazine.nl\/wp-content\/uploads\/2024\/11\/nieuw20logo20fbjp.jpg\" width=\"290\" height=\"89\" alt=\"Logo Fonds BJP\" class=\"image-style-mediaklein\" \/><\/div>\n<\/figure>\n<\/div>\n<\/article>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Nederland investeerde al miljoenen in de ontwikkeling van Suriname, maar daar is in de voormalige kolonie nauwelijks nog wat van terug te zien. 49 jaar na de onafhankelijkheid krijgt Suriname opnieuw een kans. De ontwikkeling van een groot offshore-olieveld zal miljarden Amerikaanse dollars in het laadje brengen. Lukt het Suriname om te leren uit de [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":107504,"comment_status":"open","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[90],"tags":[2053],"ppma_author":[2583],"class_list":{"0":"post-107503","1":"post","2":"type-post","3":"status-publish","4":"format-standard","5":"has-post-thumbnail","7":"category-suriname","8":"tag-suriname"},"authors":[{"term_id":2583,"user_id":1,"is_guest":0,"slug":"mermar","display_name":"mermar","avatar_url":"https:\/\/secure.gravatar.com\/avatar\/b97554d899a7ce8df2bc286c2f73beda56ebbc97d5d9ced74f7a04498e0fb0d3?s=96&d=mm&r=g","0":null,"1":"","2":"","3":"","4":"","5":"","6":"","7":"","8":""}],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/107503","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=107503"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/107503\/revisions"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media\/107504"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=107503"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=107503"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=107503"},{"taxonomy":"author","embeddable":true,"href":"https:\/\/afromagazine.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/ppma_author?post=107503"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}